Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„eggen op wat maniere sij in de kercke gegaen sijn, dat sij uit de kercke komend droegen eene groote quantiteijt kerckepaiamenten ende andersints, die hij niet kon specifieeren, omdat hij desen niet gesien en heeft, en voor sijne portie gekregen te hebben twelff specie schillingen en seggende wederom gewapent te sijn als voren.

Verder verklaart voor 5 of 6 jaeren geholpen te hebben een brouwketel te stelen bij sekeren Houtbeckers tot Doender, (Doenrade) noemt sijne metgesellen en segt door Wijn en Hendrick M. van Merkelbeek met een ploegcouter ende met groot gewelt een loock gebroken aan het backhuis, waerdoor M., W., Daniëls ende nog andere sijn ingeklommen, ende den brouwketel in het backhuijs op een ander geslaegen te hebben, uijtgebracht hebben, en getransporteerd tot boven de Wintraek alwaer een kerel van Sittaerdt met eene karre en een wit paerdt, denselven aan hem onbekent, opgeladen heeft en naer Sittaerdt gevaren heeft Sijnen vaeder en Daniëls hebben de kar vergesellschaft. Daniëls heeft hem laeter gegeven elf schillingen.

Op 15 November daaropvolgend verscheen andermaal Henske voor de schepenbank „extra locum torturae, pedibus et manibus liberis, et semoto omni terrore" ten eijnde over sijne gedane respondeeringhe gerecolleert te worden, ende naer dijen denselven in handen van den outsten presideerende den behoorlijcken eede uijtgesworen heeft, heeft denselve naer duijdelijke prelectuur „per totum" gepersisteert aen verscheijdene invasiën en diefstallen gecoöpereert te hebben, ende naerdat aan den beclaegde Jöes C. dit acte van recollectie duidelijck voorgelesen is, heeft denselven bij den geheelen inhoudt blijven persisteeren, uijtgesondert, dat hij segt bij abuis geaccuseert te hebben Hendrick Schr. vervolgens wederom alles als waer onderteekend met sijn handmerk.

De schout concludeerde dat de beklaegde Joês C. den jonge ter zake van zijne begane misdaden bij vonnis van de schepenbank tot afschrik en voorbeeld zal worden gecondemneert ter galge, rad of vuur totdat de dood volgt.

De schepenen gesien het advijs der beijde regtsgeleerden P. A. Pelzers en J. Smets tot Limborgh:

Dictum ende op alles wel ende rijpelijck geleth verclaeren

33

Sluiten