Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

235

te modo munito Neuricus hostis equo hibernique Getae pictoque Britannia curru,

tinctus et Eoa decolor Indus aqua. 10 haecue marita fides, hae sunt pactae mini noctes,

cum rudis urgenti bracchia victa dedi ? quae mihi deductae fax omen praetulit, illa

traxit ab everso lumina nigra rogo, et Stygio sum sparsa lacu, nee recta capillis 15

vitta data est: nupsi non comitante deo. omnibus heu portis pendent mea noxia vota:

texitur haec castris quarta lacerna tuis. occidat, inmerita qui carpsit ab arbore valium,

et struxit querulas rauca per ossa tubas, 20

8. Neuricus s een Sarmausch volk; Tac. Hiat. L 79 deelt ons mede, dat de Sarmaten catafractae, Karappaytrai, schubbenpantsers, dragen.

9. Brltannlat onder de keizers bad er geen expeditie tegen Britannië plaats vóór 't principaat van Claudius. Wq moeten dus aannemen, dat Lycotas deel uitmaakte van een gezantschap naar een der vorsten van Britannië.

10. tinctus i zie de aant. Prop. DX 11, la p. 202. 12. rudis: „onervaren".

18. deductae i de bruid werd 's avonds bij fakkellicht naar het huis van haar man geleid; 't was een slecht voorteeken, als de vlammen der fakkels geen helder licht verspreidden. VgL Ov. Het VI, 429 en volg.

14. everso: „ingestort" (na 't verbranden).

15. „Aqua adspergebatur nova nupta, sive ut casta puraque ad virum veniret, aio» ut ignem atque aquam cum viro communicaret" (Fest. p. 77 Lindsay).

recta t „op de juiste wijze geweven" hetgeen ominia causa aan den rechtopstaanden weefstoel moest geschieden (Festus p. 342 Lindsay).

16. Men veronderstelde, dat de god Hymen of Hymenaeus, die tijdens den feestelijken tocht in het bruidslied werd aangeroepen, zelf aanwezig was.

17. portis: bij de stadspoorten waren tempels voor de Lares Viales, onder wier bescherming reizigers stonden, noxia: (geloften) „die ik verplicht ben te vervullen", vota: tafeltjes met do belofte van offers.

De bedoeling is: „zóó vele expeditie's hebt gij al meegemaakt, waarvoor ik vota ophing, dat ik al aan den vierden krijgsmantel bezig ben".

18. castris . . . tuis: „voor u, die in 't kamp zijt"; vgl. Ov. Fast. U. 746.

19. valium: accusat. van vallus, „paal".