Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

148

woorden, want daarvoor was hij dikwijls te langen tijd afwezig, maar met besliste zekerheid kon hij zeggen, dat Compaan den laatsten tijd meermalen geld aan zijn vrouw had gezonden en er op aangedrongen had zijn pardon te verzoeken, daar hij 't zeerooversbedrijf moede was en niets liever wenschte, dan in het vaderland en in de echtelijke woning terug te keeren, om verder een kalm en vredig leven te leiden.

„Welnu," sprak de Prins, „dan willen wij hem zijn terugkeer gemakkelijk maken, want wij zijn er van overtuigd, dat aan zijn misdadig bedrijf ten spoedigste een einde moet komen. Reeds te lang heeft hij de zeeën onveilig gemaakt ën daarbij geen enkele natie, zelfs de Hollandsche met, ontzien. Het zal u bekend zijn, dat wij tevergeefs jacht op hem hebben gemaakt; steeds heeft hij de hem bedreigende gevaren weten te ontzeilen. Het doet mij dus genoegen te vernemen, dat hij vrijwillig zijn snood bedrijf wil opgeven en verder als rustig burger wil leven. De regeering heeft dus besloten hem, mits hij persoonlijk onze vergiffenis en die van de Hoogmogende Heeren Staten inroept, zijn pardon te verleenen, en wij noodigen u uit, hem op te sporen en daarvan kennis te geven. Wil u daar gevolg aan geven?"

„Dat wil ik, Hoogheid, en ik dank u voor deze mededeeling. Ik weet echter evenmin als iemand anders, waar hij zich bevindt, en 't kan wel eens lang duren, eer ik hem gevonden heb. Maar ik wil mijn uiterste best doen, om hem op te sporen, en zal mij gelukkig achten, als ik er toe kan medewerken, om aan zijn zondig bedrijf een einde te maken. Zijn zeerooverijen zijn een schande, niet alleen voor hem, maar ook voor zijn vrouw en kinderen en zijn geheele familie, en hij mag God danken, dat hem door Uwe Hoogheid en de Hoogmogende Heeren genade wordt verleend, zoodat hij ongehinderd in het land zal kunnen terugkeeren. Ik twijfel niet, of hij zal deze gelegenheid met beide handen aangrijpen."

„En denkt u spoedig te vertrekken?" vroeg de Prins.

Sluiten