Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en hem nog toegeroepen, dat hij maar moed moest houden en toen had hij geantwoord, dat ze de groeten van hem moesten doen in Hoorn."

Langzamerhand begon Wim honger te krijgen en vergezeld van een aantal kameraden drentelden ze de stad in, langs de haven en naar het Oost, toen nog een straat in en de Peperstraat was bereikt.

Kijk, daar stond vader in een kring van geburen, want voorloopig was men nog niet uitgepraat over het groote nieuws en den heelen dag en ook de volgende dagen bleef de Spaansche vloot het onderwerp van gesprek.

Telkens kwamen er nieuwe geruchten binnen en wist de een dit en de ander dat, totdat vijf dagen nadat Geert Jansz was binnengevallen, hij bericht kreeg, of hij op het stadhuis wou komen. Het was de stadsbode, die hem dat verzoek bracht. „En wat moet ik daar doen?" vroeg de schipper. „Dat weet ik niet, Jansz. Burgemeester Hermansz droeg me de boodschap op. Ik zou je aanraden, maar niet lang te talmen, want je weet, die groote lui zijn altijd wat haastig uitgevallen."

„Ja, ja, dat weet ik," bromde de ander. „Ze zijn altijd zeer haastig, tenminste als het een ander geldt; zelf hebben ze altijd den tijd."

10

Sluiten