Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

122

bruid den ring, dien ze tot nog toe aan den linkerhand had gedragen, naar de rechter had gebracht, ging men weer huiswaarts.

Wat werd er toen pretgemaakt!

Veel werd er gegeten en gedronken, maar nog meer gezongen.

Janus van het Veer, een neef van den bruigom, een boerenzoon uit de buurt van Medemblik, haalde zelfs een liedeboeksken uit den zak, dat den naam van „Medemblikker Schorrezoodjen" droeg en nu kwam er aan het gezang geen eind.

Doch eindelijk hadden de jongelui er voorloopig genoeg van en begon men aan het pandverbeuren.

Wat werd er toen gelachen, maar ook, wat had Wim het druk, want herhaaldelijk zat hij in de put en, wat zat hij er diep in! Dan moesten de aardige meisjes hem door zoenen er weer uithalen.

Neen, toen hij en zijn ouders weer thuis kwamen en de pret dus achter den rug was, zei hij:

„Nou moeder, dat is toch heel wat anders dan in die Iersche gevangenis!"

Sluiten