Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Waarheen? — Welke Spanjaarden?" riepen de omstanders.

„Ik heb hooren zeggen, dat het Spanjaarden uit Friesland waren. Ze hadden een paar flinke zeiljachten."

„Dus mijn man is gevangen! O, God! wat moeten we doen?" jammerde de boerin.

„Spanjaarden?" mompelde Wim, „Spanjaarden?"

Het kwam hem zoo vreemd voor. Men was het de laatste jaren ontwend, die menschen in NoordHolland aan te treffen. Als jongen had hij er wel veel over hooren vertellen, maar ze toch nooit gezien. Doch als het waar was, zouden ze ook wel een aanval op de stad kunnen doen en misschien konden ze nog wel achterhaald worden.

Zonder een oogenblik te aarzelen, rende Wim terug, voort naar Hoorn.

Het was nog een flinke wandeling, doch hij bleek niet alleen op den weg. Verschillende burgers uit de stad hadden de veste verlaten om te zien, wat er aan de hand was.

Herhaaldelijk werd Wim aangeroepen:

„Waar is de brand, jongen?"

„Bij Cornelis Hercx in Zwaag; hij is weggevoerd door de Spanjaarden!"

130

Sluiten