Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIJFTIENDE HOOFDSTUK.

Pikmans sprak over de zaak verder geen woord. In Amsterdam huurde hij bij de Nieuwebrug een viertal matrozen, jonge bevaren gasten en trok naar de Kalverstraat, naar de smederij van baas Zwart.

Den volgenden dag kwamen er haken, dreggen en beugels aan boord. Als ballast nam hij wat zakken met zand en daarop verliet hij al spoedig de groote stad.

De wind was gunstig en het weer goed. De reis begon dus voorspoedig en zonder iets bijzonders beleefd te hebben, kwamen ze om Schotland en de Westereilanden heen bij de kust van Ierland.

Onderwijl had Pikman zijn plannen aan de matrozen meegedeeld. Dezen voelden er al heel weinig voor.

„Ik denk niet, dat er nog veel van te vinden zal zijn schipper," meende Hendrik Krijnszoon, „ik heb vroeger in Egmond gewoond en als daar een schip strandde en je kwam er na een half jaar terug, dan vond je niet veel anders dan wat wrakhout.

Sluiten