Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZESTIENDE HOOFDSTUK.

Een paar weken later was men in Amsterdam terug. De lading werd verkocht en bracht genoeg op, om de bemanning te betalen en nog enkele andere schulden af te doen.

Met Zwart had Pikmans weder lange besprekingen. Er werden teekeningen gemaakt van dingen, die heel veel op scharen leken; andere hadden meer den vorm van nijptangen.

„Kan ik ze gauw krijgen, meester ?" vroeg Pikmans toen hij eindelijk afscheid nam van den smid.

„Ik beloof niets, Pikmans, maar ik zal mijn best doen en hoop, dat je tevreden zal zijn."

Toen ging het naar den Schreierstoren, waar Hermansz, de blokmaker, woonde.

Hier werden groote katrollen en hijschblokken besteld, ook een paar lange kabels kwamen niet te onpas.

Onderwijl had Wim het bijzonder druk met het schrijven van een brief aan moeder. In de edele schrijfkunst had hij 't niet ver gebracht. Het was

Sluiten