Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

177

,,'t Is 'n klein kunstje, om met zooveel ons aan te vallen, maar we komen terug," grauwde Pikmans. „Opgeven doe ik 't niet" — en zich tot zijn matrozen wendend, vervolgde hij:

„We gaan naar huis, jongens, de schuit is aardig vol, we kunnen tevreden zijn!"

Met een gunstigen wind ging het wederom naar het vaderland en toen het vaartuig in Amsterdam meerde, lachten de mannen. De schipper had hun toch dubbele gage beloofd en dat kon er ook wel af.

Wat keken de handelaren toch vreemd, toen Pikmans zijn lading aan de markt bracht! Wat werd er gevraagd en gegist, waar hij het vandaan gehaald had, doch veel wijzer werden de vragers niet. Maar ook, wat werd het fijne werk bewonderd en geprezen !

De schipper kon over zijn handel tevreden zijn. Alle schulden, zoowel van de eerste als de tweede reis kon hij ruimschoots afbetalen, terwijl hij voldoende over hield, om nieuwe werktuigen, waaraan hij behoefte gevoeld had, aan te schaffen.

Ook Wim kreeg een zak vol guldens.

„Wat moet ik er mee doen, buurman?" vroeg hij, terwijl hij de blanke geldstukken door de vingers liet glijden.

Onverwinnelijke Vloot. ja

Sluiten