Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vervlogen alle hoop, meende Jaïrus. Zijn kind was hem ontnomen. Zijn eenigst kind. En met haar al zijn levensvreugd.

„U hebt ons nog, hé Moeder?" vleide Wim.

„Ja, mijn jongen. Jullie beidjes zijn Vaders en Moeders grootste schatten. Geschenken van God uit den Hemel.

Even hield Moeder op. Toen ging ze voort: ,,'t Was dan ook onnoodig, zoo meende Jaïrus, om den Meester langer lastig te vallen. Dat Jezus een Medicijnmeester was, die genezen kon ook na den dood, wist hij nog niet.

Wat klonk het hem dan ook wonderlijk in -de

14

Sluiten