Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

104

buiters den Rijn zouden opvaren om hem bij te staan. Zou-je nu naar Ter Gouw durven gaan en hem de boodschap brengen, dat wij op Zondag, dus overmorgen, met den noen zullen vertrekken ?"

„Graag, Overste ; maar zal Geert Soet mij gelooven ?"

„Hij kent je toch wel, denk ik," antwoordde van der Does. „Doch om nu zeker te zijn, dat alles goed uitkomt, zal ik je een brief ken meegeven. Wanneer wil-je vertrekken ?"

„Ik ben gereed, als Uwe Edelheid beveelt," anwoordde de knaap vol moed en ongeduld.

„Durf-je dat tochtje overdag ook beproeven? " vroeg hierop van der Does.

„Overdag nog beter dan des nachts, Overste! Des nachts houdt men mij voor een spion en is de wacht scherper; maar overdag is dat het geval niet zoo erg!"

„Dat geloof ik ook. Doch waar zal-je dan het briefke verbergen ? Je begrijpt, dat moet niemand bij je kunnen vinden, want dan is alles verloren moeite, en je schiet er, als spion het leven bij in ook 1"

„Wel, Overste, ik moet toch een verrejager medenemen. Als het briefje nu niet te groot is, en in een naaldenkoker kan, dan zal ik den verrejager van onder uitboren, daarin den naaldenkoker met het briefje steken en dan de opening van onder met pek dichtmaken. Het kan dan niet nat worden en de Spanjaard vindt het nooit, al krijgt hij den polsstok in handen."

„Dat is slim bedacht, jongen! Ga nu naar huis en zorg dat je over een uurtje met een verrejager hier bent! Het briefje zal ik klein genoeg maken, om het in een niet al te grooten naaldenkoker te steken."

Op den bepaalden tijd, — het kon zoo omstreeks drie uur in den middag zijn, — was Gerrit bij Jonker van der Does terug. Het brief ken werd, opgerold, in den ijzeren naaldenkoker, die schroefvormig sloot, geborgen, en daarna in de opening onder aan : den polsstok geschoven, Waarna alles met pek

Sluiten