Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

130

de moed der arme burgers daardoor niet zeer aangewakkerd. Een nauwkeurig onderzoek deed uitkomen, dat de heele voorraad koren slechts honderdtien last bedroeg, en daar de Regeering weinig geloof sloeg aan de goede uitkomsten van de pogingen, die tot ontzet werden aangewend, besloot zij de burgerij op rantsoen te stellen. Ieder, die op wacht moest, kreeg iederen dag een pond brood, en zij, die daarvan bevrijd waren, moesten zich met een half pond tevreden stellen. Van hen, die voor meer dan veertien dagen leeftocht in huis hadden, kocht men de eetwaren op. Weldra ontstond er ook gebrek aan munt-specie, en hoewel men niet, evenals in het eerste beleg, tot het slaan van papieren geld zijn toevlucht nam, ging men er toch toe over, geld te slaan naar het model van den stempel, die bij het eerste beleg gediend had om de papieren munt te maken. Aan de eene zijde stond weer, trots den tegenstand der Predikanten bij het eerste beleg, „Haec Libertatis ergo", en aan de andere zijde was het stadswapen, om hetwelk de letters N. O. V. L. S. G. J. P. A. C. stonden. Het waren de aanvangletters van eenige Latijnsche woorden, die beteekenden: Penning, geslagen in de belegerde stad Leyden, onder het bestuur van den Doortuchtigen Prins van Oranje. In den buitenrand stond: Godt behoede Leyden. Deze munt was acht-en-twintig stuivers waard. Op een kleiner muntstuk, dat veertien stuivers waarde had, stond een leeuw met een zwaard in den eenen en het wapen der stad in den anderen klauw, en in den rand de spreuk: „Pugno pro Patria," dit is: ik strijd voor het vaderland. Aan de keerzijde stond „Lugdunum Batavorum," wat de naam van Leiden bij de Romeinen was. Dan had men ook nog koperen stukken met het omschrift \ Heere ontfermt Holland ende salight Leyden.

De gevolgen der insluiting openbaarden zich hoe langer hoe meer, zoodat men besloot om opnieuw een bode aan den Prins te zenden. De koene Leeuwke had zich andermaal tot dien gevaarvollen tocht beschikbaar gesteld en gewapend met zijn verrejager ging hij op Maandag, den vijfden Juli, op weg.

Sluiten