Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

56

„Ik niet," zei Geurt, „een gewone duif heb ik veel liever. Deze zien er uit, of ze nog eens zullen barsten. Gezellig toch, dat jullie zooveel dieren moogt houden. Wij hebben alleen maar de paarden en die ouwe Mop. Duiven vindt pa een smeerboel, omdat we zoo'n klein erf hebben, zie je."

„Vraag een badjing (eekhoorn)," stelde Jan voor. „Dat is ook wel een leuk beest, en je kunt hem in een kooi houden. Maar heelemaal tam kan je hem niet krijgen."

„Of neem dansmuizen," raadde Nel aan. „Ik heb snoepertjes, wil je er wat? Ze zijn pas geboren, net vieze wormpjes, maar eenig leuk. We kunnen er uren naar zitten kijken, hé Poekie, als ze dansen en "

„Laat 's kijken," riep Fré, en de heele bende holde naar de achtergalerij, waar Nel een groote glazen kooi had staan met een dikke laag zemelen op den bodem. In een rondetje zaten haar lieverdjes om een dik moedertje, en telkens vloog er een paartje uit den kring, en danste heel bevallig een vroolijk toertje, maar ze hielden elkaar niet omvat, ze dansten op hun eentje. Een ander moedertje zat in een hoekje, en om en over haar kropen kleine rose, blinde wurmen, die mooie dansmuizen moesten worden in de toekomst. Wou Geurt ze hebben met de moeder? Hij kon het zootje in zijn pet meenemen.

Sluiten