Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IX

HET GROOTE NIEUWS

IX

„Tante, een brief van pa, een dikkerd," gilde Nel naar de achtergalerij, waar de familie zat thee te drinken, en ze zwaaide met twee pakjes, die ze zooeven van den postlooper in ontvangst had genomen, opgewonden boven haar hoofd.

De brief was aan 't adres van tante Letje, die hem dadelijk open maakte. Er vielen verscheidene blaadjes uit. Behalve een brief aan tante, een voor Dolf en Jan, en een voor de Parkietjes samen.

„En 't portret, tantetje?" drong Nel, „zeker een nieuw van pa, toe, gauw kijken, hoe hij er uitziet." Tante had de „fok" al opgezet, sneed nu de touwtjes door, waarmee de cartonnetjes om 't portret waren vastgemaakt, haalde de photo's er uit en keek verbluft.

De jongens en Nel drongen om haar heen.

Wat beteekende dat? In plaats van vader's bekend baardig gelaat, lachte hun een prettig, zacht vrouwen gezicht toe, dat geen van allen, zelfs in den droom ooit gezien had.

„Wie is dat?" riep Dolf, en Poekie: „Ken die Juffrouw heelemaal niet, maar ze heeft wel een moppig gezicht."

De brieven brachten opheldering. Papa had in Den

Sluiten