Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

100

Nel stond verbluft. Op deze wending der zaak was ze in 't geheel niet voorbereid. Er ging haar van allerlei door 't hoofd. Dat 't wel vrij en prettig zou wezen, voorgoed van dat akelige spelen af te zijn. Maar de teleurstelling voor papoes! Nooit zou ze dan met hem kunnen samenspelen later.

En wat zou Lous wel zeggen? Ze was even verzot op haar piano, als Nel er een hekel aan had. Samen speelden ze wel quatre-mains. Lous natuurlijk de moeilijke, zij de gemakkelijke partij. Dat was alijd erg leuk geweest, want die lieverd van een Lous zorgde wel, dat de fouten, die ze maakte, zoo'n beetje onopgemerkt bleven, en hielp haar met gefluisterde wenken telkens terecht. Lous zong ook zoo lief. Ja, zij zou 't zeker erg jammer vinden.

„Kom dan, Nel," drong mama, „ik geloof, dat je aan 't droomen bent, kmdje."

Met een zwaren zucht werd Nel wakker, ,,'t Is erg lief van U en pa, dat U mij vrij laat," betuigde ze dankbaar, ,,'k zal er nog eens goed over denken." Ze knikte haar ouders toe, en liep hard weg om hun niet te laten zien, hoe na ze aan schreien toe was.

„Hoe heeft U toch zoo bedacht, mampie," vroeg Nel later, „om pa voor te stellen, dat ik maar heelemaal met pianospelen zou ophouden?"

Sluiten