Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

120

voortaan altijd op z'n Hollandsch St. Nicolaas zou gevierd worden, daarover heerschte bij de Canneheuveltjes een roerende overeenstemming.

XVII CAREL EN CAROLIENTJE XVII

Tot groote vreugde waren er bij de familie Canneheuvel, in plaats van een zusje of broertje, een kleine broer en zus gelijk verschenen.

Poekie vond 't moppig, zooals de kleintjes op elkaar geleken: precies dezelfde donkergrijze kijkertjes, 't zelfde dwaze neusje, niet grooter dan een knoopje, en de ronde gilmondjes ook precies eender, 't Zag er niks aardig uit, als zoo'n mondje open werd gesperd. Van witte tandjes nog geen spoor. „Net kakek (oude grootvader) bekjes," zei Nel. En wat een rimpeljes in zoo'n heel klein snuitje, als er geschreeuwd of geniesd moest worden. Niet te tellen!

Kwamen Nel en de jongens uit school, dan was hun eerste gang naar Carel en Carolientje, en ze vonden hen onder de hoede van mama of baboe naast elkaar in den kinderwagen, of op hun draagbedje. Altijd waren ze buiten, en daar groeiden ze van, even heerlijk als de mooie La France rozen in de potten om het gras-

Sluiten