Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

137

Van de dieren ging alleen Philax mee. Hij moest al acht jaar worden, doch droeg zijn jaren met eere. Tilla, Nel's hertje, was intusschen gestorven. Qitje werd hoe langer hoe meer een kampong-kat, en Frits voelde niets meer voor den dikken kater, die alleen maar af en toe thuis kwam om zijn buikje vol te eten, en dan weer dagen achtereen in velden noch wegen te zien was.

Hij zat dikwijls vol bloed van 't vechten, en vol stof en vuil van 't over den grond rollen, 't Was nu zelfs zoo ver gekomen tusschen Frits en Qitje, dat hij hem wegjoeg, als hij te dicht in Lientjes buurt kwam miauwen. Zoo kan ook de grootste vriendschap sterven.

Nel had op mama's verzoek haar muizenrommel geheel opgeruimd. Telkens raakten er muisjes los, en mama vond verdachte gaatjes in kleedingstukken, die niet eiken dag gebruikt werden, en sporen van scherpe tandjes in de etenswaren.

Nel werd ook te groot voor dansmuisjes, en op een goeien dag hield ze groote muizenuitdeeling onder de kleine zusjes van haar vriendinnen, en zoo hadden de veertig stuks in een ommezientje een ander tehuis gevonden. Maar de aapjes, Coco en Grijp, waren er nog, en zelfs met één vermeerder. Want Jan had er een loetoeng bijgekregen, een bizonder lief, zachtzinnig dier, dat geen schepsel kwaad deed, en bepaald verzot was op baas Jan. Coco en Grijp waren heel anders.

Sluiten