Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 31 —

zooals bij jezelf thuis in het kolenhok, maar een soort huis van steenkool met groote, vierkante blokken aan den buitenkant, net als steenen op elkaar gestapeld, tot het een. hoog, stevig gebouw geworden was. Bovenaan dien kolenmuur, dicht bn' den rand, liep een witte streep die er met kalk op scheen gemaakt.

Toen de kruier even later uit zijn kamertje kwam bij den herhaalden trillenden klank van een bel boven de deur van 't station, zei Peter dadelijk, zoo vriendelijk mogelijk: „Goeien middag. Weet je ook waar die witte streep langs de kolen voor is?"

„Om aan te geven hoeveel kool er is," zei de kruier. „Dan kunnen we zien of er ook van gekaapt wordt. Steek er dus maar niks van in je zak, jongeheer!"

't Werd als een grapje gezegd, en Peter voelde dadelijk dat die kruier een leuke baas was, waarmee je best zou kunnen opschieten. Maar later kregen die woorden een veel ernstiger beteekenis.

Ben je wel eens op „bakdag" in een boerderij gekomen, waar de groote pot met beslag bn' het vuur stond te rijzen? Als je dat wel eens getroffen hebt en als jé toen nog jong genoeg was om in alles belang te stenen wat je zag, zul je je stellig herinneren, dat je de verzoeking onmogelijk weerstand kon bieden eens even je vinger te steken in dien zachten, ronden deegboL die als een reuzenpaddestoel in den pot opkwam. En dan herinner je je ook, dat je vinger een deuk in het deeg maakte en dat die deuk langzaam, ' maar heel zeker verdween en het deeg er weer net zoo uitzag als voor je het had aangeraakt. Tenzij natuurlijk je vinger extra vuil was, in welk geval er een zwart plekje zou zijn achtergebleven.

Nu, zoo ging het ook, precies zoo, met het nare, gevoel dat de kinderen eerst gehad hadden over Vaders wegblijven en Moeders verdriet. Het maakte een diepen indruk, maar de indruk duurde niet lang.

Sluiten