Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 56 —

vertellen, en als ze vindt dat je er niet om had mogen vragen, zeg haar dan dat ik jullie groot gelijk geef en hoop dat ze mij de vrijpostigheid zal vergeven, waarmee ik mij dit genoegen verschafte.''

De brief was onderteekend G. P. en dan een naam dien de kinderen niet konden lezen.

,,'t Is tóch maar goed dat we 't gedaan hebben," zei Phyllis.

„Natuurlijk,'' zei Bobbie.

„Heel goed," zei Peter, met zn'n handen in zijn zakken, „maar ik vind het toch alles behalve een pretje, Moeder later die heele geschiedenis te vertellen."

„We hoeven het niet te doen voor ze beter is," zei Bobbie, en als ze beter is, zn'n we allemaal zoo bhj, dat we niets om zoo?n beetje vervelendheid geven. O, kijk toch eens wat een pracht-rozen! Et moet ze gauw naar boven brengen.

„En de egelantier, zeg!" riep Phyllis, de geur hoorbaar opsnuivende, „vergeet niet de egelantier mee te nemen."

„Neen, hoor!" zei Roberta. „Moeder heeft me juist nog pas geleden verteld dat er een dikke heg van stond om Grootma's tuin heen, toen Moeder een klein meisje was."

Sluiten