Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 107 —

we 't gedaan hebben, en we verder niets moesten vragen."

„Wie heeft dan verder om iets gevraagd, gek kind?" vroeg Peter. „Soldaten vragen toch ook niet om een ridderorde, maar daarom zijn ze wel bhj als ze 't krijgen! Misschien zn'n 't wel médailles. Als ik dan stokoud ben, laat ik het mijne aan mijn kleinkinderen zien, en dan zeg ik: „We deden niet meer dan onze plicht*" en dan zqn ze natuurlijk ontzettend trotsch op me."

„Dan moet je eerst trouwen," waarschuwde Phyllis, „anders kun je onmogelijk kleinkinderen krijgen."

„Nou, dat zal ik later ook wel dienen te doen," zei Peter, „maar 't üjkt me vervelend, zoo'n vrouw altijd en eeuwig om je heen te hebben. De denk dat ik maar met een sonnambule trouw, of hoe heet zoo'n mensch dat altn'd slaapt?"

„En dan mag ze zeker alleen nu en dan even wakker worden om je te verteUen dat je 't licht van haar leven bent. Ja, dat zou nog niet zoo kwaad zijn," zei Bobbie.

„Als ik trouw," zei Phyüis, „wil ik een man hebben die wü dat ik altijd wakker ben; dan kan ik hem telkens hooren zeggen, hoe hef hij me vindt."

,,'t Lijkt mij prettig," zei Bobbie, „om met iemand te trouwen die heel arm is. Dan moest je zeiï al het huiswerk doen, en dan zou hn" vreeselijk veel van je houden, als hij de blauwe rook zoo uit den schoorsteen van de schamele woning zag opkronkelen, als hjj 's avonds vermoeid thuiskwam en er alles gezellig vond. Maar toe — laten we nu een briefje terugschrijven, dat ons de dag en het uur heel goed schikken. Daar heb ju' de zeep, Peter, wij zijn zoo schoon als ?t maar kan. Haal dat doosje rose postpapier, PhU, van je verjaardag."

't Duurde nogal een tijdje eer ze bedacht hadden, hoe ze 't precies zouden schrijven. Moeder zat boven te werken, en verscheiden veDetjes rose papier, met uitgeschulpte gouden randjes en groene klavervieren in de hoeken, werden verknoeid, eer het drietal 't er over eens kon worden,

Sluiten