Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

— 205 —

patiënt verplegen en tegehjk mijn schrijfwerk doen; dat is de moeilijkheid."

„Dus u moet aan zyn grootvader schryven?"

„Natuurlijk, en aan den directeur van de school ook We hebben hun allebei een telegram gestuurd, maar ze zyn natuurlijk erg verlangend naar tijding."

„Maar, Moeder," bedacht Peter opeens. „Als nu zyn grootvader de verpleegster eens betaalde; dat zou prachtig zyn! Ik wed dat hy schatryk is; dat zyn grootvaders m boeken ook altijd."

„Maar dit is er geen uit een boek," zei Moeder, „daar moeten we dus maar niet te veel van verwachten."

„Zeg, Moeder," begon Peter even later, ,,'t Lijkt me zoo leuk als we allemaal in een boek voorkwamen dat u schreef. Dan kunt u er allerlei aardige dingen in laten gebeuren; Jim's been dadelyk beter maken en Vader thuis laten komen en —"

„Mis je Vader erg?" vroeg Moeder, een beetje koel, verbeeldde Peter zich. „Vreesehjk," zei Peter kort.

Moeder sloot juist den tweeden brief en zette er het adres op.

„Ziet u," vervolgde Peter langzaam, ,,'t is niet alleen omdat hy Vader is, maar ook omdat er nu geen een man meer in huis is, behalve ik — daarom wou ik zoo ontzettend graag dat Jim bleef. — Zou u 't zelf niet leuk vinden, Moeder, om een boek te schryven waar wij allemaal in voorkwamen en Vader er weer by was?"

Peters moeder sloeg plotseling haar arm om hem heen en drukte hem tegen zich aan. Toen zei ze: „Vind je 't geen mooier idee te weten dat we in een boek voorkomen dat God bezig is te schryven? Als ik het boek schreef, zou ik zeker fouten begaan, maar God weet precies hoe de geschiedenis einden moet, op de wyze die het beste voor ons is."

„Gelooft u dat werkehjk, Moeder!" vroeg Peter haastig.

Sluiten