Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Een deskundige commissie, naar Rotterdam gezonden om de toestanden aldaar te onderzoeken, bracht een vernietigend rapport uit. Zij bracht dit uit, zooals ze zegt, „voor zooveel uit den knoeiboel prijzen voor bevroren vleesch waren te distilleeren." Zoowel in kwaliteit, prijs, als verkoop van bevroren voor versch vleesch, vond zij steeds bedrog van het publiek.

In den Haag was het officieele cijfer van den omzet gering, het officieuze daarentegen veel grooter. Onomstootelijk bleek, dat een groot deel der Haagsche bevolking voor versch vleesch betaalde en bevroren vleesch ontving.

Zoo is het toch eigenlijk in vele plaatsen van ons land. Het bevroren vleesch dient in de eerste plaats om door bedrog grootere winsten mogelijk te maken en daarna pas als een goed volksvoedsel.

Overal is het publiek — en terecht — ontevreden. Toch durven de Gemeentebesturen er niet aan, bang als ze zijn den vrijen handel aan te tasten, of te wel zich aan koud water te branden.

De gescheiden verkoop, zooals die te Amsterdam wordt toegepast, beschermt het publiek volkomen. Dit stelsel brengt met zich, dat de slagers verlof moeten vragen, en dit ook krijgen, wanneer de winkel aan hygiënische eischen voldoet en een redelijke omzet gewaarborgd is. Dit laatste niet slechts in het belang van den slager, doch ook omdat het consumentenbelang het eerst gediend wordt door een vlotten verkoop van dit artikel.

In dit stelsel heeft de slager niets anders te doen dan te telefoneeren wanneer hij vleesch noodig heeft; het wordt hem dan per auto gebracht. Waar hij aan de verkoopsprijzen is gebonden, kan hij zijn zaak slechts opwerken door een goede bewerking van het vleesch en een coulante bediening van het publiek. Dus steeds is het doelwit het consumentenbelang.

V. DE WINSTMARGE.

Een van de stokpaardjes van den zgn. handeldrijvenden middenstand is dit, dat de overheid zich met zijn zaken niet mag bemoeien. Dit standpunt is zeer begrijpelijk, doch niet minder onbillijk. Deze stand toch laat niet na zich bij voortduring te bemoeien met de loonen van overheidspersoneel, en wat dies meer zij, doch zelf wenscht hij burten schot te blijven. Deze positie grondt zich op de overweging, dat de concurrentie wel waakt tegen een te hooge winstmarge. Nu is het van genoegzame bekendheid, dat die concurrentie weinig meer dan een naam is in ons land en dat vooral in de levensmiddelenbranche de prijzen onderling — openlijk of bedekt — worden geregeld. De consumenten kunnen zich daartegen niet verweren. Wanneer het gaat om de vaststelling van loonen, zijn er reeds twee machten die excessen naar de een of andere zijde voorkomen. Bij het bepalen van de winstmarge is er echter maar één macht. Zij beslist en dwingt de consumenten zich daarnaar te gedragen. Het is de taak van de overheid de consumenten in bescherming te nemen, door bij het vaststellen van de winstmarge een woord mede te spreken. . .

Bij het stelsel, dat Amsterdam gekozen heeft voor de voorziening met bevroren vleesch, staat de zaak echter nog heel anders en veel gunstiger voor de consumenten. Hier spreekt de overheid niet slechts een woordje mee, doch bepaalt zelf, op voorstel van de belanghebbenden, de hoegrootheid van deze winstmarge.

10

Sluiten