Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

46

stroomingen eenigszins geelbruin, door de zwevende kleideeltjes en niet groenachtig wit.

Het water van de Raam en ook dat der Dieze vereenigt zich niet terstond met het Maaswater, maar stroomt duidelijk te onderscheiden door de kleur, eerst nog een tijd ernaast voort1).

Oudtijds heeft het Land van Ravenstein het recht gehad het Raamwater des zomers te keeren, door het leggen van een dam aan de Pegelbrug te Grave. Dit recht bestond tot het einde der 18de eeuw. Toen bestonden er dus feitelijk twee keeringen van het Peelwater, n.1. de Peeldam en de Hamelspoelsche dam. In den strijd om den Groenendijk heeft het Land van Ravenstein het recht van water keering van boven verloren a). In 1900 is de Peeldam echter weer aangebracht. (Vergelijk de Raam na 1813.)

e. De Oeffeltsche Beek.

Dit riviertje, dat onder verschillende namen, als Oeffeltsche Raam, Bovenraam en Vildsche Graaf vermeld wordt, ontstaat uit moerassen in de Vierlingsbeeksche heide. Het staat beneden Oeffelt, tegenover de uitmonding der Niers, door een keersluis met de Maas in verbinding. Bij hooge Maasstanden wordt die sluis gesloten en is de loozing geheel gestremd8).

Links treft men twee zijriviertjes aan: de S trijpsche beek en de Molenbeek. De laatste is het belangrijkst. In Oploo staat er een watermolen op.

Het stroomgebied van de Oeffeltsche beek is 10.600 HA. groot, waarvan 9350 HA. in Noord-Brabant gelegen zijn1). In den winter is de beek vrij aanzienlijk, doch des zomers is de waterafvoer vaak zeer gering..

Historisch is de beek ook bekend, omdat zij de scheiding vormde tusschen het Opper- en Neder ambt van het Land van Cuijk. Van de namen dezer gedeelten wordt het eerst melding gemaakt in een in 1517 door Flor is van Egmond uitgevaardigd reglement *).

l) J. Doorenweerd: Beknopte Geschied- en Aardrijkskundige Beschrij-

vind van de stadt 's-Hertogenbosch, bldz. 12.

3) M.v. d. Bogaerd: Wateropstuwing in Noord-Brabant, alsv. bldz. 41, ") Voorloopig Rapport Bongaerts over Noord-Brabant, alsv. bldz. 41.

4) ld., bldz. 9.

6) Dr. Jan J. F. Wap: Geschiedenis van het Land en de Heeren van Cuyk, bldz. 3.

Sluiten