Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

111

en voedsel te verstrekken. Ook werden vele waggonladingen veevoeder ter beschikking van de veehouders in de overstroomde gebieden gesteld, terwijl ook veel vee naar andere plaatsen werd gebracht, waar het kosteloos door de landbouwers werd verzorgd.

- In alle gemeenten, die van de overstrooming leden, werd nauwkeurig de schade opgenomen. De regeling der vergoedingen is op de meeste plaatsen zeer vlot verloopen. De uitgekeerde bedragen Zijn zeer meegevallen en bijna nergens in het Land van Cuijk hoort men daarover klachten. Het bevreemdt echter, dat het Watersnoodcomité gemeend heeft zonder landbouwkundig advies deze zaak te kunnen regelen, ofschoon zijn ambtenaar geen deskundige was. Het gevolg hiervan is bijv. geweest, dat hier en daar zelfs belangrijke bedragen uitbetaald zijn voor de winterrogge, die overstroomd was geweest, veel hooger dan de schade zelfs geweest had kunnen zijn, indien het geheele gewas verloren was gegaan. Later bleek vele rogge zelfs zoo goed als niets geleden te hebben.

Voor het ontzanden der gronden heeft het Watersnoodcomité overal een matig bedrag aan de eigenaren der gronden of aan de gemeentebesturen gegeven.

Ook de spoorwegen in het Land van Cuijk leden op verschillende plaatsen belangrijke schade. Het verkeer daarover was verschillende weken gestremd.

Aan den lagen Maaskant is de schade, door de laatste overstrooming aangericht, niet zoo groot geweest als door die van 1920. Dit vindt zijn oorzaak in het feit, dat men daar steeds berekend is op hoog water j bovendien bleef het water er in 1926 20 cM. beneden den stand van 1920. En juist de laatste c.M. doen daar de grootste schade.

Ondanks het feit, dat er een Staatscommissie is geweest, die grondig de Maasquaestie bestudeerd heeften daarover rapport heeft uitgebracht, werd na dezen laatsten watersnood door den Minister van Waterstaat nog een onderzoek opgedragen aan den ingenieur Dr. C. W. Lely.

Dr. Lely heeft zijn rapport reeds uitgebracht, maar daar het bij het afdrukken van dit werk nog niet gepubliceerd is, kan er niets verder over worden medegedeeld.

Het College van Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant heeft

Sluiten