Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

220

het geheel niet met de mededeelingen en berekeningen van Ir. Bongaerts. Volgens dezen toch is de Dommel geschikt om 26 M3. per sec. door Boxtel te voeren1). Bij een waterbezwaar van 3 m.M., als door De Jonge aangenomen, voert de Dommel uit het stroomgebied boven Boxtel, dat 107.360 H.A. groot is 2), 37,1 M3. per sec. af. Na een afleiding van 15 M3. per sec. bij Eindhoven, zal er volgens deze berekening slechts 22,1 M3. door Boxtel gevoerd behoeven te worden.

Het ontbreken van alle opgaven over den waterafvoer in de plannen-de Jonge maakt de beoordeeling hiervan zeer moeilijk. De Jonge zelf schijnt de door hem voorgestelde verbeteringen van zeer ingrijpenden aard te beschouwen. Immers bijna bij elke overlaat en molenstuw geeft hij als voordeel op, dat door deze het uitdrogen van de rivier in droge zomermaanden voorkomen zal kunnen worden. Bij de beoordeeling van dit punt bedenke men echter, dat zelfs in zeer droge zomers op de gronden langs de NoordBrabantsche riviertjes weinig of geen last, maar op de meeste plaatsen zelfs zeer groot voordeel van de droogte wordt ondervonden.

De stuwpeilen bij de watermolens zijn voor een landbouwkundig goeden toestand, zeker voor zooveel de winterpeilen betreft, nog belangrijk te hoog gelaten.

Over verruiming der molensluizen wordt zeer weinig medegedeeld. Toch zal men ook hieraan op de meeste plaatsen niet kunnen ontkomen.

In geen geval mag de rivierverbetering ondernomen worden, zoolang niet vaststaat, dat de afleiding bij Eindhoven tot stand Zal komen en evenmin,voordat de definitieve oplossing voor den waterafvoer bij 's-Hertogenbosch bekend zal zijn. Immers deze beide punten vormen mede den grondslag, waarop het plan voor de verbetering van de Dommel gebaseerd moet zijn. En zonder goede grondslagen is het toch onmogelijk een juist plan te ontwerpen. Het is te hopen dat allen, die te beslissen hebben over de verbeteringsplannen, dit voldoende zullen inzien.

*) Voorloopig Rapport Bongaerts over de Dommel, alsv. bldz. 165. *) id. bldz. 34.

Sluiten