Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

BEWUSTHEID VAN ALLE LEVEN

moet zijn aan aie van zrjn onderbewuste. Immers, zooals wij reeds zagen, het onderbewuste, instinktieve, reflexieve leven kan, wil men niet zijn toevlucht nemen tot de blinde alwijsheid van von Hartmann's Unbewusstes, toch slechts begrepen worden als automatische werking eener organisatie, eener machinestruktuur, welker vorming oorspronkelijk door een primitieve wilsaktie of voorstelling moet zijn te weeg gebracht, althans ingeleid. Waar nu de oerorganismen minder organen bezitten die onderbewust zouden kunnen werken dan de rijk-gemechaniseerde hoogere dieren, wier leven juist daardoor grootendeels onderbewust verloopt, moet wel bijkans hun totale energie bovenbewust werken en moeten zij zich dus van hun levenssfeer evengoed, relatief zelfs nog intensiever bewust zijn dan bijvoorbeeld wij menschen van de onze. De absolute armoede van dien primitieven bewustzijnstoestand der plasmazielen, die natuurlijk met den veelvuldigen inhoud van den menschengeest niet valt te vergelijken, moet ons toch hun relatieven rijkdom niet over het hoofd doen zien. Het heeft werkelijk geen zin hun voorstellingen „dof" te noemen of hun wil een „blinden drang" te heeten. Dit zijn woorden die slechts realiteit bezitten voor ons ontwikkeld, vergelijkend intellekt. Voor hen is hun wil evenzeer een eigenrichting als voor ons en relatief volstrekt niet zwakker. In de beweginglooze onveranderlijkheid der diepzee konden de oerwezens ont-

Tot het Al-Eenc 9

I20

Sluiten