Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2

GELDMIDDELEN GEMEENTE IN HET ALGEMEEN

Wethouder van financiën.

opgedragen. Zooals in art. 170 der wet ten overvloede wordt bepaald, behoort hieronder de regeling van hetgeen de geldmiddelen der gemeente aangaat. Aan den burgemeester als zoodanig zijn te dezen aanzien geen speciale bevoegdheden toegekend. Wel is de taak, die burgemeester en wethouders met betrekking tot de geldmiddelen der gemeente hebben, van gewicht; zij bepaalt zich echter in hoofdzaak tot de voorbereiding en de uitvoering van de besluiten, welke de raad nopens de gemeentefinanciên heeft te nemen. In de volgende hoofdstukken zullen wij trachten de verdeeling der bevoegdheden tusschen den raad en het college van burgemeester en wethouders met betrekking tot het beheer der gemeentelijke geldmiddelen te verklaren; hier zullen wij slechts eenige algemeene opmerkingen maken.

Bij de verdeeling der bestuurstaak tusschen de wethouders — een verdeeling, die niet op de wet steunt, omdat volgens de wet aan den afzonderlijken wethouder geen enkele bestuursmacht toekomt — woraT een bepaalde wethouder meestal meer in hef bijzonder belast met de behandeling van de zaken, op de financiën betrekking hebbende. Deze behandeling bestaat dan in hoofdzaak uit:

a. de voorbereiding van de besluiten, welke het college heeft te nemen, daaronder begrepen het voeren der noodige besprekingen met autoriteiten, ambtenaren en anderen over zaken de financiën rakende;

b. het presideeren der vergaderingen van de commissies, welke burgemeester en wethouders in het aan hen ten aanzien van de financiën opgedragen beheer bijstaan;

c. het verdedigen der door burgemeester en wethouders ingediende begrootingen en de door hen aangeboden, op de financiën betrekking hebbende, voorstellen in de vergaderingen van den raad.

Hoever de afdoening van zaken door den wethouder zelf gaat, is niet aan te geven; dit hangt geheel af van de plaatselijke omstandigheden en van de opvattingen van en de feitelijke verhoudingen in het college van burgemeester en wethouders. In de groote

Sluiten