Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

253

JAARTAL 1889

roulette liet loopen; en die, had de Spreukendichter haar gekend, zonder missen als vijfde onverzadigbare aan de vier zou zijn toegevoegd, die nooit zeggen: het is genoeg, maar altoos het eenton g refrein van: Qeef, geef, geeft herhalen.

Daarom protesteer ik met al de kracht, die in mij is, tegen den onverdienden smaad, door U op deze goede, trouwe mannen geworpen. Gij zoudt niet gesproken hebben gelijk gij deedt, als gij bij dit bestanddeel van uw volk minder vreemdeling waart. En terwijl ik het mij een eere reken, in een mate ook door U niet verheeld, het vertrouwen dezer vroede, vrome en practische mannen te mogen bezitten, tart ik U nogmaals, mij een andere staatkundige volksvergadering te noemen, die het van de Deputatenvergadering, waarmee gij een loopje naamt, in onbaatzuchtigheid, in ideale bedoeling en in echt nationale samenstelling «wint

Eer is teer!

Met terugslag op Mr De Beaufort's opstel handelt Dr Kuyper in deze brochure dan verder over het samengaan der Anti-revolutionairen met de Roomsche kiezers, en zijn op één lijn stellen van onze oude regenten, droever gedachtenisse, met de Bourbons te Parijs En de historische beschouwingen, hier ten beste gegeven, over onze staatspartijen van den tegenwoordigen en den vroegeren tijd, verdienen nog altijd de aandacht.

Voorts licht Dr Kuyper hier nader toe zijn door Mr De Beaufort gewraakt drievoudig parool: «Vrede onder de gedeelde kinderen des lands komt er dan eerst als de Staat de religie weer aan de belijders, de zedelijkheid weer aan de consciëntie, en de wetenschap aan de haar inwonende kracht overlaat"

Ten slotte eindigt Dr Kuyper met een persoonlijk feit

Mr De Beaufort had n.1. zijn Gidsartikel besloten met deze woorden:

Er zijn mannen, die haken naar macht of gezag alleen omdat die hun de gelegenheid verschaffen om hunne beginselen toe te passen; er zijn anderen voor wie het genot aan de uitoefening van macht of gezag verbonden op zichzelf reeds de grootste voldoening is Voor de gemoedsrust van Dr Kuyper is het zeker te hopen dat hij tot de laatsten behoort Want anders is het toch inderdaad te vreezen, dat „de macht der liefde waardoor de voorhoede zijner partij het onuitputtelijkst geduld bezit om hare achterhoede in te wachten," bij hem op te zware proef zal worden gesteld.

Sluiten