Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

301

JAARTAL 1890

trouwen aangenomen — maar het was voor een kenner aanstonds duidelijk, dat ook met die uitgave geen genoegen mocht worden genomen.

Zoomin in deze, als in die van 't Nederlandsch Bijbelgenootschap, was men bij de verandering van spelling naar vaste regelen te werk gegaan. Nu eens had men zich te angstvallig aan de oude schrijfwijze gehouden, dan weer zich te ver gewaagd; beurtelings was men te ouderwetsch en te modern geweest, en Gods Woord had niet dat schoone gewaad en niet die aansluiting aan ons spraakgebruik, die het als een altoos levend woord eischt en hebben moet

Bij dezen stand van zaken hebben toen de Hoogleeraren Kuyper, Bavinck en Rutgers zich op verzoek van de Directie der Flakkeesche Boekdrukkerij bereid verklaard om een tekst van de Statenoverzetting met de kantteekeningen te bezorgen, die zich geheel aansloot aan het hedendaagsche spraakgebruik. Geen nieuwe vertaling dus, maar een nieuwen tekst van de oude overzetting.

Welk een arbeid deze Hoogleeraren daarmeê op zich namen, kan ieder berekenen die bij ervaring weet, wat de pers eischt voor wie ze dienen zal. Alleen de correctie van de proeven, die woord voor woord en cijfertje voor cijfertje moesten nagezien worden, kostte onberekenbaar veel tijd en een inspanning en zelfverloochening die niet te hoog kunnen gewaardeerd worden.

Maar dan de arbeid die voorafging I

Het vaststellen van de regelen die men volgen zoude. De toepassing dier regelen in elk bijzonder geval. — Men moet taaien Schriftgeleerde beide zijn om te vermoeden welk een studie ze eischten.

Op niet minder dan 800 twijfelachtige punten belijden deze drie uitnemende geleerden dan ook het advies noodig gehad te hebben van den Redacteur van het Nederlandsch Woordenboek en van Dr M. de Vries.

Waarlijk deze broederen hebben ons volk opnieuw grootelijks aan zich verplicht

En dat niet alleen door hun inspanning, maar ook door de vrucht van hun arbeid.

Voor ons ligt de quarto-uitgave. Een prachtig boek. In zijn rood-marokkijnen band met vergulde sneê, een lust om te zien; van binnen versierd met tal van alleraardigste, recht gezellige platen en — naar ouden trant — met een plaatje aan 't begin van elk boek; verrijkt met prachtige, duidelijke landkaarten, die de bekwame hand van Prof. Woltjer ontwierp, en met een letter die u uitnoodigt om te lezen. Doet ge het, dan treft het u al aanstonds, dat ge hier de oude Statenoverzetting hebt, maar nu

Sluiten