Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JAARTAL 1895

108

uitgebreidheid van dit onderwerp h.i. splitsing noodzakelijk maakte, achten zij zich voor ditmaal te moeten bepalen tot het ontwerpen van een schema voor zóódanige bespreking, dat voortaan zou afgesneden worden de noch universitair, noch wetenschappelijk te rechtvaardigen toestand, dat elk hoogleeraar zich, geïsoleerd, een denkbeeld van deze beginselen vormde; en daarentegen de eenig gewettigde toestand voorbereid, waarin de gezamenlijke hoogleeraren, op grond van gemeenschappelijk onderzoek, althans van eenzelfde grondbeschouwing over de beteekenis der Gereformeerde beginselen, bij hun onderwijs zouden uitgaan.

„Zij hebben de eer, als vrucht van hun commissoriale bespreking, hierbij aan den Senaat dit Schema in de volgende reeks stellingen aan te bieden."

h

Onder Gereformeerde beginselen is in Art. 2 der Statuten te verstaan: de beginselen van het Calvinisme.

Al wordt toch niet ontkend, dat de naam van „Gereformeerd" ook wel gebezigd is ter aanduiding van het Zwinglianisme, en op Duitschen bodem een ten deele Melanchthoniaansche strooming dekte, ja, zelfs hier te lande met zekere voorliefde door de Arminianen werd aangegrepen, historisch staat niettemin vast, dat het Calvinisme op Gereformeerd terrein de meest principieele uiting van het Gereformeerde leven vertoont, zoodat dit hieruit, en niet uit zijn zwakkere en mindere zuivere formatien moet gekend worden; terwijl voorts het tweede gedeelte van Art. 2 waarin voor de Theologische faculteit de Gereformeerde beginselen nader aan de Formulieren van Eenigheid der streng Calvinistische kerken in Nederland gebonden worden, niet slechts deze opvatting bevestigt, maar zelfs elke andere uitsluit.

2.

Aangezien in Art. 2 der Statuten van Gereformeerde beginselen alleen in dien zin gesproken wordt, dat zij den grondslag van zeker onderwijs moeten uitmaken, zoo zijn hier onder beginselen te verstaan, niet die uitgangspunten, welke in de feiten en in het wezen der dingen liggen, maar zulke beginselen, die in het bewustzijn de wereld der gedachte beheerschen.

Natuurlijk worden de uitgangspunten van het denken, die in de feiten en in het wezen der dingen ook voor het denken liggen, daarom niet buiten rekening gelaten, maar slechts uitgesproken, dat ze m den grondslag van het onderwijs eerst meerekenen nadat ze uitgedrukt zijn in den vorm der gedachte. Voorts wordt door den meervoudigen vorm niet ontkend, dat deze beginselen een gemeenschappelijken wortel hebben en alzoo organisch samenhangen, maar terwijl dit laatste erkend wordt, slechts aangeduid, dat de onderscheidene vakken van onderwijs in engeren zin afgeleide beginselen tot uitgangspunt hebben.

Sluiten