Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

265

JAARTAL 1902

dagen van zulk een zielsbenauwing worstelt het hart tot het in Ood zijn rouwe te boven komt Uit een de profundis verheft het zich door het sursum cor da tot een gloria in excelsis, en dan is: in Jezus ontslapen! kreet van triomf.

Wie dan tot schrijven geroepen en aan publiek schrijven gewoon is, spreekt dit uit ook voor anderer oor, en juist zoo komen er Meditatiën die doel kunnen treffen onder veler bereik. AI wat de koninklijke Harpenaar zong, was gezongen uit eigen leed of uit eigen jubel. En al bezielde hem veel hooger historische macht op verren afstand blijft het toch ook onder ons waar, dat de lectuur voor ons hart het best slaagde, zoo ze haren oorsprong vond in eigen zielsbevinding.

Zoo was het hier, en het is op dien grond, dat ik bij het uitgeven van dezen bundel de hoop durf koesteren, dat hier iets anders en beters geboden wordt dan de laffe spijs, waarover Job met het oog op zijn vrienden klaagde.

Als er anderen zijn, wier hart nog doorworstelen moet, wat het mijne doorworsteld heeft, druppele er uit deze Meditatiën balsem voor de wonde hunner ziel.

's Oravenhage, 29 Oct. 1902. KUYPER. 163. College-dictaten Dogmatiek. Niet in den handel.

Om de hooge beteekenis van deze college-dictaten recht te waardeeren, herinnere men zich, hoe de stoot tot oprichting van de Vrije Universiteit gegeven werd door twee feiten: le. doordat de Wet op het Hooger Onderwijs van April 1876 de theologische faculteiten aan onze Staatsacademiën in faculteiten voor godsdienstwetenschap veranderde, en daarmee zelfs het laatste ragje van den band tusschen het wetenschappelijk onderwijs en de belijdenis der Kerk geheel doorgesneden had, en 2e. doordat wegens de synodale benoemingen in 1878 voor het kerkelijk Hooger Onderwijs zelfs de Dogmatiek, het hart der theologie, noch te Leiden, noch te Groningen, noch te Utrecht anders dan door loochenaars der Godheid van Christus onderwezen zou worden.

Welnu, de eerste lesrooster der Vrije Universiteit wees aanstonds aan Dr. Kuyper naast de encyclopaedie de dogmatiek toe. En van meetaf was het hem daarbij te doen, om op eigen wijs aan den draad onzer Gereformeerde vaderen voort te spinnen. De draad onzer theologische ontwikkeling immers was reeds in de eerste helft der 18de eeuw afgebroken, en niet alleen bij Vitringa, maar eveneens ten deele bij . a Marck was de worm van het rationalisme reeds ingedrongen, zonder 1 dat hiertegenover iets anders opkwam dan repristinatiezucht, door- \ voed met mystiek of piëtisme. En nu ging het er bij Dr. Kuyper om, alle dogmatische vraagstukken te doorkruipen, de afbuiging van de lijn der dwaling te ontdekken, belangrijke lijnen verder uit te stippelen, en zoo een wetenschappelijke uiteenzetting van de Gereformeerde dog-

Sluiten