Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

JAARTAL 1903

276

te vormen. Christelijk-nationaal heeft Groen van Prinsterer van meet af onzen strijd voor het onderwijs gedoopt, het „Christelijke" voorop: natuurlijk 1 — want om de eere van Christus gaat het, maar ook nooit het „nationale" er af; maar altoos ook te midden van uw strijd met uw volk meevoelende en voor God steeds het gebed op de lippen: o God! red ons arme vaderlandt

En nu, broeders en zusters, of mij ooit weer het voorrecht en de eere zal gegund zijn zulk een breeden kring van broeders onderwijzers te mogen toespreken, betwijfel ik schier met het oog op mijn jaren, en daarom, laat mij, eer ik van u scheide, u één woord in de ziel prenten, waarin ik heel mijn toespraak samentrek en laat het dan dit zijn:

Gij hebt met het schoolkind in de armen de wacht bij het Kruis betrokken;

laat dat kind nooit los, en laat dat Kruis nooit los!

En die God, Die de God is van ons aller Doop, Die zal het u doen gelukken!"

Na deze indrukwekkende rede, die met groote dankbaarheid aangehoord wordt, neemt de Eerevoorzitter nogmaals het woord, om mede te deelen, dat het H. M. de Koningin behaagt heeft de Vereeniging te eeren in haren Voorzitter: de Heer Scheffer is benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

165. De ware schuldigen. Debat tusschen Mr. P. J. Troelstra'en Dr. A. Kuyper over de oorzaken en gevolgen der April-staking, gehouden in de Tweede Kamer op 30 Juni en 1 Juli 1903, met een inleiding en naschrift van P. J. Troelstra. Amsterdam. Brochurenhandel der S.D.A.P. 1903.

In zijn Levensbericht van Dr. A. Kuyper heeft Dr. H. Colijn erop gewezen, hoe Minister Kuyper als Regent indruk gemaakt heeft door zijn optreden tegen „de misdadige woeling" der spoorwegstaking; een beweging, waarvan hij het revolutionair karakter onmiddellijk doorzag. De zedelijke moed, waarmede hij dit revolutionaire doen als zoodanig behandelde en den kop indrukte, ondanks de halfheid der Vrijzinnigen in Parlement en Pers, stempelt hem, den theoreticus en kamergeleerde, tot een man van de daad, die de verantwoordelijkheid voor de handhaving van het gezag, hem toevertrouwd, aandurfde.

In zijn blad, De Standaard van Dinsdag 3 Februari, vond men aanstonds onder den titel: Een Coup d'état, een hoofdartikel van den volgenden inhoud:

Er heeft zich in de afgeloopen week ten onzent een nieuwe staat van zaken gevestigd. Er is een krachtige, goed georganiseerde poging aangewend, om de macht te verplaatsen, en die poging is volkomen gelukt.

Sluiten