Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

441

JAARTAL 1917

door ze in beeld te brengen of ook de schets ervan in volle lijnen te geven, maar door op meesleepende wijze, en als met voor te zingen het proloog te geven op het stuk in drie bedrijven dat in aantocht was.

Zoo werd Boissevain de geniale kunstenaar van den overgang, al zal hij later de dagen wel gekend hebben, dat hij zelf schrok van wat hij mee hielp voorbereiden. Doch al ligt er in het bereiden van den weg uit het conservatisme naar een vrijer politieken toestand, altoos iets, dat in 't einde teleurstelt, toch juicht van achter al wat doordenkt 't zoo van harte toe, dat deze overgang in onze hoofdstad door een journalist geleid is, die niet maar zoo bezield en levendig uitkwam, maar die ook heel een reeks van jaren er slag van bleek te hebben, om in het politiek afgestorven deel der burgerij nieuwe belangstelling voor het publieke leven te wekken. Het is te Verstaan, dat de snelheid, waarmee sinds 1890 de overgang toeging, Boissevain verrast, misschien wel eenigszins gedupeerd heeft.

De machtige antithese tusschen het eerst zoo zacht ruischende Liberalisme en de wild opstuivende macht van de eenzijdige democratie, heeft Boissevain niet genoegzaam kunnen beheerschen. Veeleer is zijn machtig orgaan door die kentering van het publieke leven in een niet te miskennen verlegenheid geraakt. Eens allen vooruit, lijdt het thans aan zeker besef van onvastheid en van vervreemding van den publieken geest; maar toch doet dit in niets te kort aan de ontegenzeggelijke groote verdienste, waarmee Boissevain over den levensstroom steeds een brug voor geleidelijken overgang zocht te bouwen, waar velen thans liever plassend in den vloed springen om te sneller den overkant te bereiken. Geheel ten onrechte ziet daarom meer dan één thans schier meelijdend van den overkant op Boissevain neer. Voor de jaren van eerste gisting, waar ook Amsterdam niet aan ontkomen kon, laat zich geen journalist denken, die Boissevain in politieke beteekenis kon overschaduwd hebben. Persoonlijk had hij een stad met den toenmaligen Amsterdamschen geest noodig, om zijn zachte talenten ten volle te ontplooien, en Amsterdam zou uit het toenmalig marasme nooit anders dan door zoo zachte hand zijn opgetrokken als aan Boissevain eigen was. Miskend door wie hem niet van nabij gekend hebben, is zijn taak allicht een niet altoos even dankbare geweest Doch ook hierin was hij product van de gegeven toestanden en het Amsterdam van de tweede helft der 19e eeuw schiep zich van zelf het type van politiek journalist, dat het in dezen uitnemenden „middenman" gevonden heeft. Geen ander van onze groote steden is in die troebele tijden in het bezit geweest van een zoo bij haar passend publicist als Amsterdam in Boissevain bezeten heeft Doch denk nu niet aan een middenman, met de bijuitroep „Wat heb je er an?" Boissevain toch vulde precieselijk de leegte aan die tusschen wat verging en wat kwam gaapte.

Als aan den lijve heb ik zelf gevoeld, welk een invloed van zijn woord op de publieke opinie uitging. Hij heeft niet gedaan wat Dr. Lamping zoo heel anders door de N. Rott. Cour. in de Maasstad deed, om van uit zijn redactie-bureau de Staten-Generaal te beheer-

Sluiten