Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wet, Art. 2; Instructie, §§ 7—9.

35

§ 7 der instructie (87). De aanslagbiljetten wegens de grondbelasting ten name van den Staat worden uitgereikt aan de ontvangers der registratie en domeinen, die de belasting in de maand November aanzuiveren (88).

De aanslagbiljetten wegens de grondbelasting ten name van het Kroondomein worden uitgereikt aan de rentmeesters van het Kroondomein, die eveneens in de maand November voor de aanzuivering der belasting zorgen.

3T. Het tweede lid is aan deze paragraaf toegevoegd bij de res. V. v. V. no. 285.

38. Voor de eigendommen van den Staat, die uitsluitend worden gebezigd voor den publieken dienst, wordt geen belastbare opbrengst in de kadastrale leggers opgenomen en is mitsdien geen belasting verschuldigd. Zie art. 25, lett. a, der Wet op de Grondbelasting.

§ 8 der instructie. In de kolom „Aanmerkingen" van het kohier der grondbelasting behoort te worden aangeteekend de wijk, buurt of straat en nummer der woning, alwaar het aanslagbiljet wordt uitgereikt (woonplaats van den belastingschuldige, pachter of gemachtigde) (89—41).

39. Wanneer de woonplaats van een in de grondbelasting aangeslagene niet meer overeenstemt met die, welke in het kohier is vermeld, behoort daarvan melding te worden gemaakt in het register van verkeerde tenaamstellingen, bedoeld in art. 6 der res. V. 1869, no. 86; zie aant. 16 op art. 5.

Hierop is nader aangedrongen bij de res. van 30 Juni 1893, no. 5. Verg. ook de res. V. 1907, no. 93.

49. In verband met het samenstellen der opgaven Directe bel. nos. 15 en 17 moet in de kohieren der grondbelasting ook de hoofdsom worden berekend.

Die hoofdsom wordt op het aanslagbiljet overgenomen.

Zie dienaangaande, in verband met de tijdelijke heffing van Rijksopcenten ingevolge art. 34 der Leeningwet 1914, V. v. V. no. 469, de res. van 12 Januari 1915, no. 108.

41. Zie voor het aanteekenen in de kohieren van:

bezwaar- en verzoekschriften en andere stukken van dien aard, de res. V. 1888, no. 50, en de res. V. 1903, no. 17;

verminderingen en ontheffingen, § 7 der res. V. 1901, no. 2, zooals die luidt volgens de res. V. v. V. no. 85;

vervolgingsstukken, de §§ 35 en 47 der instructie, opgenomen respectievelijk onder art. 13 en art. 14 hierna.

§ 9 der instructie (42). Moet de uitreiking van aanslagbüjetten onder het kantoor van een anderen ontvanger, doch tevens buiten de gemeente van aanslag (48), plaats hebben, zoo geschiedt zij door tussehenkomst van den ontvanger van dat kantoor; voor de gemeenten, waarin meer dan één ontvangkantoor der directe belastingen is gevestigd, geschiedt die uitreiking door tussehenkomst van den ontvanger van het 1ste kantoor. De toezending der biljetten geschiedt, tegen ontvangbewijs (44), met eene lijst Directe Belastingen no. 12, waarin de woonplaats van den aangeslagene zoo mogelijk met straat of wijk enz. en huisnummer wordt aangeduid (45). De aanslagbiljetten voor de inkomstenbelasting worden gestoken in omslagen, die door den ontvanger, met de uitreiking belast, moeten worden'gesloten (46-48).

Sluiten