Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

90

Wet, Art. 13; Instructie, §§ 33—34.

door een der omstandigheden, genoemd in art. 9 der wet, dadelijk en in eens invorderbaar wordt.

15. De grondbelasting ten name van den Staat en die ten name van het Kroondomein worden in de maand November betaald. Zie § 7 der instructie, opgenomen onder art. 2.

16. Verg. § 30 der instructie, opgenomen onder art. 10, en § 44 der instructie hierna.

1T. Voor gelijktijdige vervolging voor verschillende belastingen, op één dwangbevel, wordt verwezen naar aant. 65 op art. 14.

§ 34 der instructie. De waarschuwingen en aanmaningen, door den ontvanger uit te vaardigen, worden den deurwaarder, ter uitreiking, ter hand gesteld of wel, voor de gemeenten daartoe in het bijzonder aan te wijzen, per post verzonden (18—19).

Verzending per post heeft mede plaats ingeval de belastingschuldige niet of niet meer woont in een der gemeenten tot het kantoor des ontvaugers-behoorende (20—21).

18. Deze gemeenten (a) zijn vermeld in de, als bijlage I, aan de in• structie toegevoegde lijst, opgenomen in bijl. A.

(o) In de hier bedoelde gemeenten worden de aangiftebiljetten voor de inkomstenbelasting mede per post verzonden. Zie § 18 der Instructie Inkomstenbelasting.

19. Als toelichting op § 37 der thans vervallen instructie V. 1855, no. 3, vastgesteld bij de res. V. 1910, no. 202, en gelijkluidend als § 34 der tegenwoordige instructie, werd bij de res. van 21 Sept. 1912, no. 6, te kennen gegeven, dat de uitreiking van waarschuwingen en aanmaningen niet in alle gemeenten per post kan geschieden, omdat het in vele gemeenten voor de uitvoering van verschillende belastingwetten zijn nut kan hebben, dat evenbedoelde vervolgingsstukken door den deurwaarder worden uitgereikt, ten einde deze zoodoende een gelegenheid hebbe met de belastingschuldigen in aanraking te komen.

Wanneer dit voor oogen Wordt gehouden, is het duidelijk, dat de wijze van uitreiking van voornoemde vervolgingsstukken (hetzij door den deurwaarder, hetzij per post) zich moet regelen naar de gemeente, waar de belastingschuldige woont en niet naar die, alwaar hij is ten kohiere gebracht.

20. De waarschuwingen en de aanmaningen worden door den deurwaarder uitgereikt of per post verzonden.

Ze worden per post verzonden:

1°. indien de gemeente daartoe in het bijzonder is aangewezen; 2°. indien de belastingschuldige woont buiten het kantoor van aanslag.

In alle andere gevallen worden ze door den deurwaarder uitgereikt. Indien de waarschuwingen en aanmaningen, volgens hét vorenstaande, per post moeten worden verzonden, geschiedt die verzending:

a. met vrijdom van briefport, ingeval de belastingschuldige niet woont in den bestelkring van het post- of hulppostkantoor, waarin het kantoor des Ontvangers gevestigd is;

b. met verrekening van briefport, in alle andere gevallen. Verg. § 36 hierna.

21. In Weekblad nos. 2019—2020 komt een artikel voor over: „De Posterijen en de vervolging".

Sluiten