Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wet, Art. 14; Instructie, §§ 55—56.

123

Verg* aant. 29 op art. 7.

(a) Zie noot a op de vorige aanteekening.

§ 56 der instructie. In alle gevallen dat het ter zake van invordering van directe belastingen noodig of wenschelijk voorkomt, dat eenige beschikking of eenig verlof van de arrondissements-rechtbank of van den president dier rechtbank wordt uitgelokt — zooals, bij voorbeeld, bij het leggen van conservatoir beslag het geval kan zijn (114—116) — is voor de indiening van het verzoekschrift daartoe de tussehenkomst vereischt van een procureur.

Voor de rechtscolleges waarbij de rijksadvocaat als procureur is toegelaten, zal deze in die gevallen als zoodanig optreden, terwijl bij de overige rechtscolleges voor bovenbedoelde diensten behoort te worden gebruik gemaakt van de tussehenkomst van de procureurs, die daartoe door de directeurs in overleg met de rijksadvocaten zijn aangewezen. De directeurs zullen omtrent die aanwijzing mededeeling doen aan de inspecteurs en de ontvangers in hunne directie.

114. Het conservatoir beslag is geen middel van executie, maar een tot bewaring van zijn recht, waarover wordt gehandeld in den 4en Titel van het 3e Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. Zie bijl. D.

De President van de Arr. Rechtbank kan aan iederen schuldeischer, die summierlijk van de deugdelijkheid zijner schuldvordering doet blijken en aantoont, dat er gegronde vrees bestaat voor verduistering door den schuldenaar van diens roerende of onroerende goederen, verlof verleenen om conservatoir beslag te leggen op de roerende goederen van dien schuldenaar; art. 727 W. v. B. R. Verg. aant. 1 op dat artikel in bijl. D.

Voor het leggen van het conservatoir beslag behoeft de schuldeischer dus niet in het bezit te zijn van een vonnis of authentieke akte (dwangbevel), zooals het geval is bij het leggen van executoriaal beslag.

Het conservatoir beslag moet evenwel worden van-waarde verklaard, dat is, men moet den schuldenaar dagvaarden om te worden veroordeeld tot betaling der schuld, waarvoor het beslag is gelegd.

De eisch tot van-waardeverklaring moet worden ingesteld binnen 8 dagen, nadat het beslag is gelegd; art. 732 W. v. B. R.

Het vonnis van van-waardeverklaring wordt aan den schuldenaar beteekend, met bepaling van den dag en het uur, waarop de in beslag genomen goederen zullen worden verkocht; zie Fiscus no. 210. .

Ook onroerende goederen kunnen met verlof van den President der Rechtbank worden in beslag genomen; artt. 770a,, e.v., W. v. B. R.

Bijzondere bepalingen zijn gemaakt voor het beslag tegen schuldenaren, die geen bekende woonplaats hebben; artt. 764, e.v., W. v. B. R.

Er kan ook conservatoir beslag worden gelegd op goederen van den schuldenaar, die een derde onder zich heeft of op gelden die een derde aan den schuldenaar betalen moet; art. 735 W. v. B. R.

Voor dit beslag, het z.g. derden-arrest, is zelfs, wanneer er bescheiden bestaan, waaruit de schuld blijkt, geen verlof noodig van den President der Rechtbank.

Binnen 8 dagen, nadat het beslag is gelegd, moet het worden beteekend aan den schuldenaar, met dagvaarding tot van-waardeverklaring; art. 738 W. v. B. R.

Het vonnis van van-waardeverklaring moet binnen een maand na de uitspraak worden beteekend aan den derden-beslagene; art. 740 W. v. B. R.

Daarbij wordt deze tevens gedagvaard, om verklaring te doen van

Sluiten