Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Wet, Art. 14; Instructie, §§ 65—67.

129

143. Er moet dus geen kennisgeving worden gezonden wanneer bijv, goederen, die onder derden berusten, zullen worden in beslag genomen.

De belastingschuldige zou daardoor gelegenheid krijgen, de goederen buiten het bereik der Administratie te brengen.

§ 66 der instructie. In geval van derden-beslag wordt aan den derdenbeslagene ter hand gesteld een afschrift van het exploot van beslaglegging met een afschrift (extract) van (uit) het dwangbevel, waarop aan de achterzijde een afschrift (extract) van (uit) de geregistreerde akte van beteekening is vermeld (144—145).

Uit het exploot behoort te blijken, dat het beslag wordt gelegd niet alleen ter zake van de verschuldigde belasting doch ook voor de vervolgingskosten, welke op het oogenblik van de beslaglegging reeds verschuldigd zijn, zoomede voor de verdere kosten die uit de executie mochten voortvloeien; tot deze laatste zijn in de eerste plaats te rekenen die van beteekening van het beslag, ingevolge art. 476 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (146).

• De beteekening. aan den belastingschuldige, welke ingevolge evenaangehaald art. 476 binnen acht dagen na de beslaglegging moet plaats hebben, wordt niet gedaan, wanneer de. belasting en de kosten inmiddels mochten zijn betaald, en in geen geval dan nadat vier dagen van dien termijn zijn verstreken (147).

144. Verg. art. 475 W. v. B. R.

145. Het derden-beslag wordt gelegd bij exploot (a), in tegenstelling . met het beslag op roerende en onroerende goederen en op schepen,

hetwelk gelegd wordt bij proces-verbaal. Verg. de artt. 440, 504 en 564 W. v. B. R. ,

De kosten voor het exploot van derden-beslag worden berekend volgens § 3 der L V.; die voor het proces-verbaal van beslag op roerende en onroerende goederen en op schepen, volgens § 9 dier instructie.

Bij het leggen van derden-beslag behoeft de deurwaarder niet te worden bijgestaan door getuigen; evenmin bij beslag op onroerende goederen.

(o) In § 67 der instructie wordt evenwel gesproken van „proces-verbaal van beslag".

Over de vraag of derden-beslag moet geschieden bij exploot, dan wel bij proces-verbaal, komen beschouwingen voor in Fiscus nos. 905, 908, 910, 964, 985 en 986 en in Weekblad nos. 1765 en 1770.

146. De kosten van beteekening van het beslag aan den belastingschuldige (art. 476 W. v. B. R.) worden berekend volgens § 3 der I. V.

141. Zoolang de beteekening van het beslag aan den belastingschuldige niet heeft plaats gehad, kunnen van hem, te dier zake, geen kosten worden gevorderd.

Aan den belastingschuldige wordt dus hier, gedurende vier dagen, gelegenheid gegeven om, door betaling van het verschuldigde, de kosten voor de beteekening te ontloopen.

§ 61 der instructie. Heeft binnen veertien dagen na het verstrijken van den termijn, bedoeld in art. 477 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, of nadat een gedaan verzet is afgewezen, geene betaling plaats gevonden, dan doet de ontvanger hiervan mededeeling aan den directeur, onder overlegging van het dwangbevel, in ongvnali, met akte van beteeke-

Invordering. 9

Sluiten