Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

202

Bijlage A (Instr. Inv.) §§ 115—119.

of een gedeelte van een aanslag niet is ingevorderd. Zie aant. 4 op § 107 hiervoor.

Hierbij wordt gewoonlijk tevens een duplicaat-aanslagbiljet overgelegd.

6°. De lastgeving van het Hoofdbestuur, bedoeld in § 107, lett. b, vergezeld van de noodige duplicaat-aanslagbiljetten.

7 . De declaratiën Directe bel. no. 24, belegd met de betrekkelijke quitantiën. Zie § 107, lett. e, hiervoor, en de §§ 19, 20, 26 en 27 der I. V.

Zie mede aant. 10 op § 15 der I. O. (bijl. C II).

2. Het proces-verbaal van verkoop van roerende goederen moet onder den deurwaarder blijven berusten (o).

Is de overlegging als justificatoir-stuk bij den staat van oninbare posten noodzakelijk, dan zal er een gewaarmerkt afschrift dienen gemaakt te worden. Fiscus no. 76.

(a) Zie de §§ 89 en 100 der instructie, opgenomen respectievelijk onder art. 20 en art. 23 der Wet op de Invordering.

3. De verklaring en het proces-verbaal van onvermogen (modellen VIII en XII) bevatten daartoe een gedrukte aanwijzing.

§ 116. De ontvanger voegt bij de staten tevens eene nota, aanwijzende de bedragen, waarvan de inning later kan worden te gemoet gezien (1).

In die nota wordt opgegeven, waarom de schuld nog niet is ingevorderd en op welken grond is aan te nemen, dat de inning later zal kunnen plaats hebben.

Deze nota wordt door den inspecteur achtergehouden, teneinde op de invordering der daarop gebrachte posten te kunnen toezien (2).

De directeur is bevoegd voor de groote ontvangkantoren te bepalen, dat bij de inzending der staten, voor zoover zij niet zijn nadere staten als bedoeld in § 124, de nota kan worden achterwege gelaten.

1. Bijv. omdat een verzoek tot opsporing nog loopende is. Verg. de res. V. v. V. no. 236.

8. Zie § 124 hierna.

§ 11T. Na de inzending der staten van oninbare posten moet het geheele bedrag der kohieren van den dienst zijn aangezuiverd, na aftrek evenwel van het als oninbaar voorgedragen bedrag en het totaal der bedragen volgens de in de vorige paragraaf bedoelde nota.

§ 118. De inspecteur zendt de staten, behalve in het geval dat deze uitsluitend de verevening van kosten, als bedoeld in letter e van § 107, ten onderwerp hebben, ten spoedigste aan den burgemeester, die deze, voorzien van zijn advies, zoo spoedig mogelijk terugzendt.

Hij stelt daarna een gelijk onderzoek inalsin§112is bedoeld.

Van het instellen van persoordijk onderzoek stelt hij aanteekening bij de betrekkelijke posten (1).

1. Verg. § 81 der instructie, opgenomen onder art. 14 der Wet op de Invordering.

§ 119. Bij het uitbrengen van zijn advies let de inspecteur er in het bijzonder op of de vervolging ter zake van de voorgedragen posten tijdig heeft plaats gehad.

Hij gaat de overgelegde bijlagen nauwkeurig na en is gehouden de met be-

Sluiten