Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

306

Bijlage D (Burg. Rechtsv.). — Art. 440.

6°. aanstelling van een bewaarder; zie evenwel aant. 12 op art. 450;

7°. de vermelding, dat de bewaarder is gewezen op de bepaling van art. 454 W. v. B. R. en van art. 198 van het Wetboek van Strafrecht (Instructie Invordering, § 91);

8°. wanneer de bijstand van den ambtenaar, bedoeld in art. 444, is ingeroepen, de vermelding van de tegenwoordigheid van dien ambtenaar en van hetgeen in diens bijzijn, op grond van dat artikel en van de artt. 445 en 446, is geschied (art. 444 slot);

9°. indien gereede penningen zijn in beslag genomen, het getal en de muntsoort van dezelve, en de vermelding, dat deze penningen, alsmede het geldswaarde hebbend papier, ter griffie of op een andere plaats zijn gedeponeerd (art. 445);

10°. indien andere papieren zijn in beslag genomen, de vermelding, dat deze verzegeld zijn (art. 446; zie mede art. 471);

11°. indien gouden en zilveren werken zijn in beslag genomen, de vermelding, dat de deurwaarder deze voorwerpen onder zich heeft genomen (aant. 2 op art. 468).

Verg. voorts art. 467.

Omtrent de beteekening van het- proces-verbaal van beslag wordt verwezen naar art. 453, met aanteekeningen.

15. Een proces-verbaal van inbeslagneming is opgenomen onder de modellen, achteraan in het werk.

16. Zie, nopens een door den deurwaarder te houden register Directe bel. no. 28 en het verzenden van uittreksels daaruit aan den Ontvanger, § 57 der Instructie Invordering, opgenomen onder art. 14 der Wet op de Invordering.

1Y. Volgens Mr. J. Heemskerk, Azn., is het een vereischte, dat de getuigen het proces-verbaal kunnen teekenen, dat zij een beroep uitoefenen en binnen het Koninkrijk wonen. Ook schijnen minderjarigen en gehuwde vrouwen daartoe niet te kunnen dienen, omdat het fungeeren als instrumentair getuige een gerchtelijke handeling is.

Volgens de Wet op het Notarisambt, artt. 23 en 24, mogen de getuigen den notaris niet nader verwant zijn dan in den vierden graad, noch ook zijn huisbedienden zijn. De deurwaarder zal ook hiermede rekening dienen te houden (a). Verg. Caljé, De Deurwaarder, no. 281.

(o) Volgens het aangehaalde art. 23 der Wet op het Notarisambt moeten de getuigen van het mannelijk geslacht, meerderjarig en ingezetenen van het Koninkrijk zijn, hun naam kunnen teekenen en de taal verstaan, waarin de akte verleden wordt.

18. Als onbekwaam om getuigen te zijn worden beschouwd, en mogen niet worden gehoord, de bloed- en aanverwanten van een der partijen in de rechte linie, en de echtgenoot, zelfs na een plaats gehad hebbende echtscheiding. Art. 1947 B. W.

Zij die den vollen ouderdom van vijftien jaren niet hebben bereikt, mitsgaders zij die ter zake van onnoozelheid, krankzinnigheid of razernij zijn onder curateele gesteld, of hangende het geding, op bevel des rechters, zich bij voorraad in verzekerde bewaringbevinden, kunnen niet als getuigen worden toegelaten. Art. 1949, eerste lid, B. W.

19. Tot getuigen moeten, behalve in de groote gemeenten ter beoordeeling van den Directeur, zooveel mogelijk worden genomen ambtenaren ivan den actieven dienst, gestatiohneerd in of nabij de plaats, waar assistentie van getuigen wordt vereischt.- Zijn geen ambtenaren beschik-

Sluiten