Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

457

Ongevallenpremie; dwangbevel. Bijl. CI, art. 60.

de deurwaarders der directe belastingen zijn belast met de beteekening en tenuitvoerlegging der dwangbevelen in zake ongevallenpremie. BijL C I, art. SObis. betaling van ongevallenpremie ten kantore van den Ontvanger. Bijl. C I, art. 506t«; Bijl. CII, §§10 en 16.

kosten van vervolging in zake ongevallenpremie. Bijl C I, art. BObis; Bijl CU, § 13.

verantwoording der kosten van vervolging. Bijl. C I, art. BObis, aant. 7; Bijl. C II, § 18.

toerekening en afschrijving. Bijl. CI, art. BOter, Bijl. CII, § 13.

interest. Bijl. C I, art. 50; Bijl. C II, § 10.

zegel en registratie. Bijl. CI, art. 113; Bijl. CII, §§ 11—12.

toepassing van voorschriften in zake invordering van ongevallenpremie. Bijl. C II, § 1, met aantt. 5 en 7; id., § 5, met aant. 2; id., § 14.

onverhaalbare kosten van vervolging in zake ongevallenpremie. Bijl. C II, § 16. boeking der betalingen. Bijl. C II, § 16. verrekening met de Bank. BijL CII, § 17.

Zie ook: Betalingen wegens ongevallenpremie en Dwangbevelen in zake ongevallenpremie. Oninbare posten; behandeling der staten van oninbare posten. Bijl. A, §§ 107, e. v.

invordering van reeds oninbaar geleden belasting. Art. 1, aant. 8; Bijl. A, § 123.

in zake ongevallenpremie. Blz. 254, aant. 2. Ontheffing of vermindering; het instellen van vervolging indien ontheffing of vennindering

op den aanslag te verwachten is. § 30; art. 10, aantt. 13—15.

op den aanslag na de beteekening van het dwangbevel. § 51. Ontvangbewijs der Hjst Directe bel. no. 12. § 10.

bij de indiening van een bezwaarschrift tegen de inbeslagneming van roerende goederen.

Art. 16; § 84. Ontvangers. Art. 7.

Opcenten; voorrang en vervolging. Art. 24.

rijksopcenten. Art. 24, aant. 5.

gemeenteopcenten. Art. 24, aant. 6.

provinciale opcenten. Art. 24, aant. 7.

opgave van te heffen opcenten. Art. 1, aant. 25. Opdracht tot het leggen van beslag op roerende goederen. § 54.'

binnen welken tijd aan die opdracht moet zijn voldaan. § 58.

intrekking van de opdracht tot het leggen van beslag. § 59. Opheffing van beslag op roerende goederen. §§ 68, 83 en 84; Bijl. D, art. 461.

op schepen. Bijl. D, art. 566, aant. 4.

onder derden. § 68.

beteekening der opheffing van beslag op roerende goederen. Bijl. D, art. 461, aant. 4. kosten voor opheffing van beslag. Bijl. BII, § 13.

Oppositie tegen de afgifte van kooppenningen. § 63; BijL D, art. 457, met aant. 4, artt. 458 en 459. in geval van beslag onder derden is oppositie tegen de afgifte van de opbrengst der goederen niet toegelaten. Bijl. D, art. 753.

Overljjden; aansprakehjkheid voor de belasting bij overlijden van den belastingschuldige. Art. 5, aantt. 4—5, art. 10, aant. 10.

invordering indien de belastingschuldige overbjdt zonder erfgenamen na te laten. Art. 7, aant. 38.

vervolging met waarschuwing en aanmaning bjj overbjden van den belastingschuldige. Art. 13, aant. 27.

alsvoren met dwangbevel. Art. 14, aant. 49; Bijl. D, art. 4, no. 6, met aantt. 7—11. ©verstorting van de opbrengst van den verkoop. § 69; Art. 14, aant. 156.

van ontvangsten wegens ongevallenpremia. Bijl. CII, § 17. Pachters. Art. 7.

Pand; de voorrang van 's Bijks schatkist gaat boven pand. Art. 12. Parate executie. Art. 14.

in zake ongevallenpremie. Bijl. C I, art. 50. •

in zake kosten. Art. 24; Bijl. C I, art. 50bis. Persoonlijk onderzoek van oninbare posten. § 81; Bijl. A, §§ 112 en 118. Plaatselijke belastingen; algemeen regelen van invordering. Considerans, aant. 9.

kosten van vervolging in zake plaatselijke belastingen. Considerans, aant. 9.

art. 7 is niet van toepassing op de navordering van plaatselijke belastingen. Art. 7, aant. 5

art. 8 is niet van toepassing op de invordering van plaatselijke belastingen. Art. 8, aant. 3.

verjaring van het recht tot invordering van plaatselijke belasting. Art. 11, aant. 2.

het recht van voorrang van art. 12 geldt niet voor plaatselijke belastingen, andere dan die

in den vorm van opcenten geheven. Art. 12, aant. 5, art. 24, met aant. 1.

kosten van waarschuwingen aanmaningin zake plaatselijke belastingen. Art. 13,aant. 8,noot a.

Sluiten