Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

32

STRIJDKRACHTEN EN OPERATIEPLANNEN

rijk een medestander te vinden, die eventueel voor zijn belangen tegenover Duitschland pal zou staan. Het slaagde bijzonder goed in dit streven, terwijl de verhouding tusschen Rusland en Duitschland geleidelijk minder hartelijk werd.

Ziehier waarschijnlijk een indirecte, doch hoogst gewichtige oorzaak van de rampen, waaronder Duitschland thans gebukt gaat.

Zoolang de veldmaarschalk Helmuth von Moltke, de overwinnaar van 1870—71, aan het hoofd van den Duitschen generalen staf stond, was de leidende gedachte voor het optreden van de Duitsche strijdkrachten in een oorlog op twee fronten, dat men zich aanvankelijk tegenover Frankrijk defensief zou gedragen, doch tegen Rusland al dadelijk offensief te werk zou gaan. Tengevolge van de krachtige versterking der Fransche Oostelijke grens en de hervorming van het Fransche Leger, achtte von Moltke het bereiken van snelle en beslissende uitkomsten van offensieve operatiën tegen Frankrijk niet waarschijnlijk. Het defensieve vermogen der versterkingen op het Duitsche Westfront en dat van den Rijn boezemden hem genoeg vertrouwen in, om geen ernstig nadeel te duchten van een eventueelen aanval van Fransche zijde. Hij zag er daarentegen overwegend bezwaar in, om op het Oostfront een verdedigende houding aan te nemen. De geheel open liggende Duitsch-Russische grens kon niet afdoende tegen overmacht'beschermd worden; deze zou ongetwijfeld in Duitschland binnendringen en aldaar hoogst ernstige nadeelen stichten. Naar Moltke's oordeel was een stoutmoedig en doortastend strategisch offensief met alle Duitsche strijdmachten, die op het Westelijk1 front slechts eenigszins gemist konden worden, het aangewezen middel om Duitschland tegen een Russischen inval te beschermen. Door samen-

Sluiten