Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

40 STRIJDKRACHTEN EN OPERATIEPLANW^

dien het te voeren had, de gevolgen te dragen voor zijn politieke handelingen en gedragingen. En het «ÉSt'niet aan, tot vèktóbooning van zijn wandaden, te willen aanvoeren, „indien wij ze niet bedreven hadden, zouden anderen dat gedaan hebben."

Overtuigd van ons recht en van de juistheid onzer zienswijze, handhaven wij ons gevoelen, dat Duitschland het plan van Moltke I had moeten volgen. Wij zullen dat oordeel nog nader met redenen staven.

Helmuth von Moltke was een gemaal veldheer; een man, die in talent en karakter stellig Schlieffen's mindere met was. De prachtige oveminningen, waartoe hij de Duitsche legers geleid heeft in 1864, 1866, en 1870—71 en die het Duitsche rijk* • gebracht hebben op het hoogtepunt van eer, grootheid en voorspoed, geven ons alle recht om de meening uit te spreken, dat deze von Moltke ook niet zou hebben misgetast in zijn operatieplan voor Duitschland's oorlog op twee fronten. Dat het geleid zou hebben tot een fiasco, ZÓÓ geweldig als dat, waartoe de uitvoering van Seblieffen's plan aanleiding heeft gegeven, achten wij niet aannemelijk. En dat Rusland zich had kunnen onttrekken aan een beshssendé»*§6^jd tegen de concentrische aanvallen van de Duitsche en Oostenrijfech-Hongaarsche legers, is hoogst onwaarschijnKjk.

Er zijn redenen van strategischen en ook van moreden aard aan te wijzen, om veeleer te gelooven aan het eventueele succes van Helmuth von Moltke's plan. Dit stelde de eerbiediging op den voorgrond van de onzijdigheid van België en Luxemburg. Het vermeed de feitelijke nadeden en tevens de ongunstige moreele gevolgen, die voor Duitschland ontstaan zijn door de verkrachting van die neutraliteit en de mirA&ting voor de internationale rechten van andere staten.

Sluiten