Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET BELGISCHE OPERATIEPLAN

99

plan of aanwijzing in ronde en duidelijke woorden voor het geen men verlangt en bedoelt. Er blijkt dan ook niets van andere afspraken, dan de vroeger vermelde onderhandelingen tusschen de generaals Ducarne en Jungbluth, met de Engelsche militaireattaché's Barnardiston en Bridges, resp. in 1906 en 191a.

Wel is intusschen gebleken, dat Engeland vóór den oorlog zelfs een register met militair-aardrijkskundige gegevens aangaande België, had doen samenstellen. Dat register gaf nauwkeurige terreinbeschrijvingen, aanwijzingen omtrent stellingen, kanalen,'bruggen, enz.

De Fransche luitenant-kolonel de Thomasson, wiens werk over den oorlog hiervoren is aangehaald, schrijft daarin eveneens over de vorenbedoelde „pourparlers", maar hij ontzegt er alle waarde en beteekenis aan. Dit gaat o.i. veel te ver en kan onmogelijk juist zijn. Een Engelsch militairattaché zou het stellig met in zijn hoofd kunnen of mogen krijgen dergelijke uitvoerige en diepgaande besprekingen te houden, over het uitzenden van een Engelsche expeditie-leger naar België, indien hij daarvoor van zijn regeering niet een uitdrukkelijke opdracht ontvangen had. En men kan zich ook niet voorstellen, dat twee Belgische opperofficieren zich, als chefs van den generalen staf — nog wel, in een bij internationale verdragen permanent onzijdig verklaard land — zouden inlaten met dergelijke onderhandelingen met een Engelsch, tdt de legatie behoorend officier, wanneer zij daartoe van hun gouvernement geen last of machtiging hadden gekregen. Het is dan ook van de Thomasson stellig onjuist te beweren, dat deze besprekingen slechts een „zuiver mi\\tibjr karakter" droegen, geen politieke strekking konden hebben, geen onderwerp van beraadslaging van de Belgische regeering

Sluiten