Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HO STRIJDK R ACHTEN EN 0??»*^^.!^??.?-

ongcschikt voor die hooge en gewichtige functie, onderschrijven wij, op grond van hetgeen de Rijckel daaromtrent vermeldt, en ook van de brochure van de Seiners-zelf, ten volle. Dat hij, zooals de Rijckel zegt, „un bon gendarme" was, nemen wij gaarne aan; maar op de plaats, die hij innam, hoorde hij niet thuis.

Indien het niet vermeld en met bewijzen gestaafd was, in een zoo volkomen betrouwbare bron als het werk van de Rijckel, zou men bezwaarlijk kunnen gelooven, dat België, in den aanvang van Augustus 1914 zóó onvoldoende voorbereid en gereed was voor hetgeen het te wachten had. En voor zoover de rampen, die het land getroffen hebben, het gevolg zijn van zooveel gebrek aan ernst en degelijkheid in de behandeling der oorlogstoebereidselen, als uit het boek van de Rijckel aan het licht is gekomen, draagt België dan ook ongetwijfeld zélf — in de destijds verantwoordelijke personen — de schuld van zijn ongeluk.

België geeft in dit opzicht een waarschuwend voorbeeld aan ons land. Want, al is het op een ander gebied — n.1. op dat der legervorming en legerorganisatie — het is een diep te betreuren feit, dat Nederland na den wereldoorlog in onbegrijpelijke zorgeloosheid en lichtzinnigheid, door politiek gekonkel en gedrijf, meer en meer den weg naar weerloosheid opgaat.

Ten opzichte van de vraag: welk besluit in den nacht van a op 3 Augustus 1914 behoorde genomen te worden, met betrekking tot de plaats waar het veldleger geconcentreerd moest worden, zijn wij onvoorwaardelijk het gevoelen toegedaan van generaal de Rijckel. Hij had de zaak bij het rechte eind en de Koning van België begreep dat uitstekend.

Sluiten