Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ANDERE LEGERS

125

Frans Jozef, waarin hij het voortduren „einer herzh'ch freundschafthchen Haltung" verzekerde; terwijl het ministerie het doorschemeren, dat men misschien nog wel besluiten zou kunnen nemen, die meer overeenkwamen met de wenschen der bondgenooten. Deze beschouwden dat een en ander van hun standpunt als „hinterhaltige Felonie," toen op 23 Mei 1915 Italië zich definitief bij hun vijanden aansloot. Hadden zij daarin ongelijk ? Wij gelooven het niet.

In den aanvang van den oorlog, toen Italië zich nog onzijdig hield, waren de rechtstreeksche nadeelige gevolgen daarvan voor de Centrale mogendheden van tweederlei aard.

Vooreerst had Italië zich vroeger verbonden om, ingeval van oorlog met Frankrijk, 5 van zijn legerkorpsen en 2 cavalerie-divisiën in den Elzas ter beschikking van de Duitschers te zullen stellen. En de hoofdmacht van zijn leger, na aftrek van de noodige troepen voor bescherming der kusten, zou geconcentreerd worden in Boven-Italië, op de Fransche grens. De naar den Boven-Rijn te zenden hulptroepen zouden, om het grondgebied van Zwitserland te ontgaan, per spoorweg door Oostenrijk worden vervoerd.

Toen vóór 1913 de verhoudingen in de Triple Alliantie minder hartelijk geworden waren, heeft Italië die belofte tijdelijk ingetrokken. Maar juist in den herfst van 1913 werd ze vernieuwd en wederom van kracht; met dien verstande, dat de beschikbaar te stellen troepen verminderd werden met 2 legerkorpsen, en dus van toen af 3 legerkorpsen en 2 cavalerie-divisiën zouden bedragen.

Het transport van die troepen werd op 10 Maart 1914 door een bindende overeenkomst geregeld. Dit vermeldt althans generaal Tappen, destijds chef der afdeeling „Operatiën" bij dén generalen

Sluiten