Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DE yaUttöLAGEN IN DE GRENSGEWESTEN 205

werd, na een kortstondig bestaan, vervangen door de groep der Vogezen en die van Belfort. De eerstgenoemde werd ingedeeld bij het ie Leger.

Op 13 Augustus rukten het ie en het 2e Fransche Leger Lotharingen binnen voor hejf aldaar beoogde offensieve doel.

Deze operatie was van veel meer beteekenis, dan de „raids" in deh'^lzas. De sterkte der troepen, die er aan deelnamen, bedroeg meer dan 400.000 man; de bevelvoerders, ét generaals Dubail en de Castelnau, waren mannen van energie en bekwaamheid. Generaal Foch commandeerde een der legerkorpsen, het 20e. De Franschen waren, volgens Perris, ongeveer 100.000 man sterker dan de tegenover hen optredende Duitschers.

Het 2e Leger behaalde aanvankelijk flinke voordeden. Het drong door naar de Seille, waarvan de overgangen ten deele door de Duitschers waren ontruimd. Het bezette in de landstreek der meren Dieuze, Delme en Chateau-Salins. Daarna rukte het op naar de „trouée" van Morhange.

Het ié Leger, Oostwaarts van het 2e, marcheerde in Noordoostelijke richting naar de vallei van de Saar, en bezette op 18 Augustus met zijn linker vleugel de stad Saarburg.

Op dien dag seinde Joffre aan zijn minister van oorlog dat de troepen reeds belangrijke successen behaald hadden.

De terreinen waarin deze operatiën moesten geScmeéfetf waren lastig en moeilijk. De Fransche troepen, die daarin verscheidene dagen achtereen hadden gemarcheerd en gevochten, waren wel is waar Zeer vermoeid, doch het terugdiKjVën van den vijand had hun voorshands geen groote inspanning gekost.

Maar op 20 Augustus stonden de Franschen

Sluiten