Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

214

KRIJGSVERRICHTINGEN

Maar — schrijfDdfrThomasson — de overmacht in getalstrekte, die blijkbaar noodig werd geacht om te kunnen slagen, bestond slechts in de verbeelding van het groote hoofdkwartier, want de Duitsche legers van hertog Albrecht van Wurtemberg en van den Duitschen kroonprins: telden samen méér dan 10 legerkorpsen. Men was dus aan Fransche zijde omtrent den vijand wederom niet juist ingelicht.

Overigens werden evenals bij de gevechten op den rechter vleugel van het front, als oorzaken van de nederlaag geconstateerd, dat in het spel waren: „certaines défaillances, soit individuelies chez quelques chefs, ,Moit collectives dans quelques divisions et corps d'armée."

Het was gebleken dat het weerstandsvermogen, de samenhang, de geest van zelfopoffering, niet op de hoogte stondenslean de eischen van het oogenbtikv

Ook de tactische ontwikkeling van sommige chefs was onvoldoende geweest. Daardoor kon het zich voordoen dat de troepen niet wel doordacht optraden, onder ongeschokt vijandelijk vuur op onberaden wijze trachtten door te dringen, en van een en ander de schadelijke gevolgen moesten ondervinden, bt

De Fransche Opperbevelhebber sprak niet over het ontbreken van zwaar geschut, zooals de Duitschers te hunner beschikking hadden. Wie droeg daarvan de schuld?

Vrij scherp, maar niet onjuist, merkt de Thomasson op, dat al hetgeen liet groote hoofdkwartier aanvoerde tot opheldering van de door het 3e en het 4e Leger geleden nederlaag, volkomen juist was, maar dat men die fouten en zwakheden van het Fransche Leger vóór 2 Augustus 1914 had behooren te ontdekken. En er tijdig in had moeten voorzien.

Sluiten