Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

222 KRTJGS^B^H5£?.5

Noorden van de Sambre, waarbij de linker vleugel over Charleroi moest oprukken. Links van het 5e Leger zouden de Engelschen optreden. Deze bereik1en«)hter eerst op 22 Augustus de lijn CondéMons-Binche; en waren dus niet vóór 23 Augustus beschikbaar om deel te nemen aan het voorgeschreven offensief van het 5e Fransche leger.

Het Cavalerie-korps Sordet zou luiks van de Engelschen ageeren.

De gouverneur van Namen, generaal Michel, had reeds gevraagd om hulp met manschappen en munitie; maar men kon hem met meer verschaffen dan een drietal bataljons infanterie. Toch meende Lanrezac dat Namen het nog wel 5 a 6 dagen zou kunnen uithouden.

Het terrein waarop Lanrezac's leger zou gaan ageeren, was niet gunstig; het was het bekken der kolenmijnen van de Borinage. De Sambre is geen Jeri^hindernis van veel belang, maar de oevers Zijn bezaaid met huizen, boomgaarden en muren. Voor infanterie een ongeschikt terrein om te marcheeren; voor artillerie, omdat er geen uitzicht bestaat, eveneens ongeschikt om te vuren.

Generaal Lanrezac moest tot 22 Augustus wachten, alvorens hij bevelen voor den aanval kon geven. Hij was niet geheel op de hoogte van s vijands bedoelingen; hij dacht dat er 8 a 10 Duitsche legerkorpsen ten Westen van de Maas oprukten, doch de legers van von Kluck en von Bülow telden er Samen 13. Hij vermoedde wel dat J&'zouden trachten zijn linker vleugel te omvatten, en hij wist ook, dat er ten Oosten van de Maas een sterke vijandelijke macht naar de lijn Dinant-Marche opmarcheerde. Dit was het 3e Duitsche Leger van von Hausen, dat Lanrezac's rechter flank bedreigde. In eü geval wilde deze voor zijn operatie beschu^eh over het ie legerkorps, dat eerst den 22en Augustus

Sluiten