Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

FRANSCH-ENGELSCHE TERUGTOCHT

239

Rijssel en Maubeuge, die elk op 40.000 man gesteld worden. Deze opgaven schijnen evenwel te hoog.

De territoriale troepen waren uit een militair oogpunt van geringe waarde. Zij konden niet voor veel méér dienen dan om de Fransche gemeenschapswegen te dekken tegen cavalerie-patrouilles en tegen vijandelijke ondernemingen met behulp van automobielen.

Den 2Öen Augustus verklaarde generaal d'Amade mondeling aan generaal Lanrezac — met wien hij toevallig aanwezig was in het Engelsche hoofdkwartier te St. Quentin — dat „les territofiaux ont laché pied a la vue de la cavalerie allemande et qu'il n'y a rien a en faire avant de les avoir mis en main et pourvus d'artülerie et de mitrailleuses."

Aangezien deze troepen zich bevonden buiten den linker vleugel der Engelschen, konden ze weinig steun beloven of verieenen aan het Engelsche en het 5e Fransche Leger, bij eventueele pogingen der Duitschers om het geallieerde front in NoordFrankrijk te overvleugelen of te omvatten. Zij maakten echter later deel uit van het nieuwe 6e Leger, ook leger van de Somme genoemd, op welks vorming wij nader terugkomen.

Sluiten