Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

twaalfBE hoofdstuk (vervolg)

4. REGELINGEN, DOOR HET FRANSCHE OPPERBEVEL GETROFFEN

Na den slag bij GuiserSt. Quentin waren de troepen van het 5e Fransche Leger uiterst vermoeid. Het 4e Leger was inmiddels, vervolgd door von Hausen'sajfelJto&sche Leger, naar Retbelteruggetrokken, terwijl de Engelschen op 31 Augustus reeds bij Soissons de Aisne zouden overgaan. Lanrezac's leger was dus op beidegflanken van neventroepen ontbloot; het moest, om geen gevaar te loopen geïsoleerd te blijven, op 31 Augustus eveneens met spoed Zuidwaarts uitwijken. Het richtte zijn terugtocht op de Aisne, boven Soissons. Van 1 tot 5 September bleef dit leger, -onder drukkende hitte, als het ware dag en nacht door marcheeren tot over den Grand-Morin, zoodat het sedert 30 Augustus ongeveer 200 K.M. aflegde. Hoezeer ontmoedigd door de ondervonden tegenslagen, bleven de troepen opgewekt en strijdvaardig; hun moreel hield zich goed.

Rechts van het 5e Leger was nu, onder het bevel van generaal Foch, het nieuwe 9e Leger gekomen, in hoofdzaak gevormd uit onderdeden van den linker vleugel van het 4e Leger. Tusschen het 5e en het 9e Leger werd op 2 September nabij Reims aanraking verkregen.

Het Fransche opperbevel vormde voorts op 1 September een nieuw cavalerie-korps, onder generaal Conneau, dat zich op den linker vleugel van het 5e Leger plaatste, voornamelijk met het doel om het verband met de Engelschen te verzekeren. Vier cavalerie-divisi├źn werden daarvoor, ten deele uit den Elzas en Lotharingen, per spoorweg te Epernay aangevoerd; terwijl het 5e Leger er een regiment

Sluiten